Van nierstenen tot sterilisatie | medischcontact

Alles voor jou als geneeskundestudent

naar overzicht
Matthijs Buikema
16 augustus 2010 6 minuten leestijd

Van nierstenen tot sterilisatie

Plaats een reactie

Een uroloog is meer dan een plasprofessional

Plasproblemen, dat is waar de meeste studenten aan denken bij urologie. Maar zowel de problematiek als de patiëntenpopulatie is gevarieerder dan dat. En: ‘Je bent van begin tot einde bij het zorgproces van een patiënt betrokken.’ Matthijs Buikema

Hij wilde met zijn handen werken, iets snijdends. Maar dat hij zich uiteindelijk zou gaan specialiseren in de urologie, had derdejaars aios Vincent de Kemp (32) niet verwacht toen hij aan zijn geneeskundestudie begon. Toch is urologie een plek waar hij zich helemaal thuis voelt. ‘Eigenlijk wist ik er niet zoveel van af. Je leert tijdens de studie wel iets over de urinewegen, maar wat een uroloog zoal doet, komt daarbij niet aan de orde. Ik had hetzelfde beeld van het vak als de meeste andere studenten: dat je oude mannetjes behandelt die moeilijk kunnen plassen.’

Ook vrouwen

Toen hij tijdens zijn coschappen een week op de afdeling urologie werd geplaatst, bleek tot zijn verrassing dat het een breed specialisme is. ‘Als uroloog ben je in feite een chirurg met internistische trekjes. Je doet zowel diagnostiek als de behandeling en de follow-up, dus je bent van begin tot einde bij het zorgproces van een patiënt betrokken. Dat intense patiëntencontact spreekt me erg aan.’ Ook de problematiek waarmee de uroloog zich bezighoudt, bleek breder te zijn dan enkel plasklachten. Nier- en blaasstenen, ontstekingen aan de urinewegen, verschillende soorten kanker, impotentie en andere erectieproblemen, sterilisatie, besnijdenis, het behoort allemaal tot de specialisatie van de uroloog. En wie denkt dat De Kemp enkel mannen als patiënt ziet, heeft het mis: hij behandelt ook incontinentie en infecties en kanker aan de urinewegen bij vrouwen. Met de leeftijd van de patiëntenpopulatie valt het volgens de aios eveneens mee: gemiddeld is de urologiepatiënt rond de vijftig jaar.

Urologie bleef eruit springen, ook na de andere coschappen die De Kemp volgde. Na een brievenronde waarin hij zijn motivatie, ervaring en achtergrond moest toelichten, werd hij geselecteerd voor een landelijke gespreksronde voor vier urologen. Vervolgens mocht hij op clustersollicitatie in het Universitair Medisch Centrum Utrecht (UMCU), waar hij werd aangenomen voor de opleiding. De eerste twee jaar volgde hij algemene chirurgie in het Meander Medisch Centrum in Amersfoort. Zijn derde en vierde jaar verblijft hij op de afdeling Urologie in het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg. Daarna zal hij nog twee jaar meedraaien op de afdeling Urologie in het UMCU, waar hij de behandeling van de meer complexe urologische aandoeningen onder de knie zal krijgen.

Zo halverwege zijn derde jaar heeft hij geen spijt van zijn keuze. De Kemp: ‘Urologie is een vrij specifiek vakgebied. Dat maakt het juist overzichtelijk en zorgt ervoor dat je veel dingen zelf doet. Diagnostische onderzoeken, laparoscopische ingrepen, visites, poli, nazorg. Tegelijkertijd werk je nauw samen met andere vakgroepen, zoals gynaecologie, interne geneeskunde, chirurgie, radiologie, nefrologie en oncologie. Prostaatkanker bijvoorbeeld behandelen we zelf of in samenwerking met de radiotherapeut. Als chemokuur nodig is, werk je samen met de oncoloog. Jij bent steeds de spin in het web en houdt de regie. Dat is leuk.’

Geen hectiek

Wat ook een voordeel is: urologie is een planbaar vak. Heel af en toe moet de uroloog komen opdraven voor spoedgevallen. Maar die situaties zijn op de vingers van één hand te tellen. ‘Het is niet zoals bij chirurgie, waar je ’s ochtends nauwelijks weet hoe je dag eruit gaat zien.’ De Kemp heeft dan ook geen enkel probleem om zijn werk te combineren met zijn privéleven. Hij heeft weinig ANW-diensten – één avond/nacht in de week, één weekend per maand – en kan meestal op tijd naar huis. Tijd zat dus voor andere dingen. Tegelijkertijd is hiermee ook een minpuntje van urologie aangeboord. De Kemp mist af en toe wel eens de hectiek en de onvoorspelbaarheid van bijvoorbeeld chirurgie. ‘Voor heroïeke acties waarbij patiënten van een wisse dood worden gered, moet je niet bij urologie zijn’, zegt hij lachend. Ja, als hij dan toch een nadeel moet noemen, dan is het dat urologie soms wat voorspelbaar is.

Enorme vlucht

Maar daar staat tegenover dat het vakgebied volop in ontwikkeling is. De diagnostiek is de afgelopen jaren verfijnd en met name de laparoscopische behandelingen hebben een enorme vlucht genomen. ‘We kunnen bij een aantal urologische aandoeningen veel sneller en nauwkeuriger ingrijpen dan pakweg tien jaar geleden. Over tien jaar ziet het vak er waarschijnlijk weer heel anders uit. Het is spannend om die ontwikkelingen te volgen en daarin wellicht een rol te spelen. Die ruimte is er. Er werken zo’n vierhonderd urologen in Nederland en er is altijd behoefte aan mensen die zich bezighouden met de ontwikkeling van nieuwe behandelmethoden en diagnostische onderzoeken.’

In het verlengde daarvan is het goed om je als uroloog in opleiding alvast te gaan specialiseren, beseft De Kemp. ‘Je ziet dat maatschappen steeds vaker vragen naar urologen met specifieke kennis op een bepaald gebied. Het is daarom verstandig om je in de eindfase van de opleiding te richten op een bepaald terrein. Bijvoorbeeld kanker, incontinentie of laparoscopische ingrepen. Zo kun je je kansen op de arbeidsmarkt vergroten.’ De Kemp overweegt om zich te specialiseren in de endo-urologie, maar is daar nog niet helemaal uit. Voorlopig geniet hij van de veelzijdigheid van het vak. Want als uroloog ben je meer dan een plasprofessional.



De opleider:
‘Je hebt intensief contact met patiënten’

Uroloog-opleider dr. Paul Kil werkt in het St. Elisabeth Ziekenhuis in Tilburg en was tot eind 2009 voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Urologie (NVU), de wetenschappelijke beroepsvereniging van alle urologen én urologen in opleiding.

Wat is het kenmerkende van dit specialisme?

‘Dat is zonder meer het patiëntencontact. Omdat je zowel de diagnostiek, de behandeling als de nazorg voor je rekening neemt, heb je intensief contact met patiënten. Met sommige chronische patiënten bouw je een band op. Dat maakt het voor mij bijzonder. Het is per slot van rekening ook de reden waarom ik destijds voor het beroep van arts heb gekozen.’

Wat voor competenties en vaardigheden heb je nodig om op de opleiding te komen?

‘Je doet veel invasieve ingrepen, dus je moet allereerst handig zijn. En omdat je met vrij veel verschillende disciplines te maken hebt – oncoloog, gynaecoloog, radiotherapeut, radioloog – moet je goed kunnen samenwerken. Daarnaast zijn communicatieve vaardigheden en een zekere vorm van empathie erg belangrijk. Mensen met urologische problemen lijden daar ook in bredere zin onder: hun kwaliteit van leven is ernstig aangetast. Daar moet je als uroloog goed en zorgvuldig mee kunnen omgaan.’

Klopt het beeld dat studenten van dit specialisme hebben met de realiteit?

Het algemene beeld van urologie onder studenten is toch wel dat je vooral te maken hebt met mannen met plasproblemen. Die misvatting willen we binnen de Nederlandse Vereniging voor Urologie graag de wereld uit werken. Overigens had ik dat beeld vroeger ook van urologie.’

Hoe ziet een werkdag eruit?

‘Gevarieerd, omdat je je met uiteenlopende problematiek en verschillende zorgstadia bezighoudt. Maar het is niet hectisch. Je hebt zelden spoedklussen en de visites, poli en operatieve ingrepen zijn meestal goed te plannen. Meestal zijn de reguliere werkzaamheden rond vijf uur wel klaar. Daarna volgen vaak nog besprekingen en overleg.’

Belangrijkste voor- en nadeel van het vak?

‘Het is een veelzijdig en planbaar vak. Dat maakt het interessant voor jou als arts en zorgt ervoor dat je gemakkelijker meer tijd kunt inruimen voor een patiënt als dat nodig is. Je kunt werk en privé ook goed combineren. Het is niet vreemd dat het aantal vrouwelijke urologen de laatste jaren flink is toegenomen. Ongeveer een derde van het aantal urologen is inmiddels vrouw. Mannelijke patiënten hebben daar geen enkel probleem mee, zo hebben we wel eens onderzocht. Een nadeel van het vak kan ik zo een-twee-drie niet bedenken. Het is een veelzijdig en uitdagend vak met veel patiëntencontact. Probeer er tijdens je coschappen kennis mee te maken!’

Lees meer

  • Uroloog - Meer over urologie in de specialismedatabank

Aios Vincent de Kemp (midden): ‘Urologie is een vrij specifiek vakgebied. Dat maakt het overzichtelijk en zorgt ervoor dat je veel dingen zelf doet.’ Beeld: Joyce van Belkom, De Beeldredaktie
Aios Vincent de Kemp (midden): ‘Urologie is een vrij specifiek vakgebied. Dat maakt het overzichtelijk en zorgt ervoor dat je veel dingen zelf doet.’ Beeld: Joyce van Belkom, De Beeldredaktie
Opleider Paul Kil: ‘Ongeveer een derde van het aantal urologen is inmiddels vrouw.’
Opleider Paul Kil: ‘Ongeveer een derde van het aantal urologen is inmiddels vrouw.’
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.