Alles voor jou als geneeskundestudent

Inloggen
Nieuws
Renée Boereboom Marie Vermeiren
12 januari 2021 5 minuten leestijd

Knallend het nieuwe jaar in: komt dat nog terug?

Plaats een reactie
Getty
Getty

Hoewel vuurwerk in Nederland een feestelijke traditie is tijdens de jaarwisseling, veroorzaakt het ieder jaar gewonden. In de jaarwisseling van 2019 op 2020 waren er in totaal 1300 vuurwerkslachtoffers die de Spoedeisende Hulp of huisartsenpost bezochten in Nederland.1 Het vasthouden aan traditie enerzijds en voorkomen van slachtoffers anderzijds, zijn voer voor een hevig debat.

Afsteektijden van vuurwerk werden reeds verkort en er werden vuurwerkvrije zones ingericht.2 Afgelopen jaarwisseling was er voor het eerst een algemeen vuurwerkverbod van kracht. Dit hield in dat zowel verkoop, vervoer als het afsteken van vuurwerk verboden was. De aanleiding voor het verbod was om de verdere druk op ziekenhuizen en huisartsenposten zoveel mogelijk te beperken gezien de huidige pandemie.3 Nu rijst de vraag of de maatregel het gewenste effect heeft gehad. En hoe gaat de jaarwisseling er in de toekomst uit zien?

We vroegen het aan SEH-arts Joost Frenken, door zijn carrière op de Spoedeisende Hulp van het Elkerliek ziekenhuis ervaren met vuurwerkletsels, en traumachirurg Kees van der Vlies, expert op het gebied van vuurwerkletsels. Van der Vlies heeft samen met arts-onderzoeker Daan van Yperen in het brandwondencentrum van het Maasstad Ziekenhuis en in samenwerking met het Erasmus MC een studie gedaan naar vuurwerkslachtoffers en ze tot een jaar vervolgd.

 

Slachtoffers

Vuurwerkslachtoffers zijn voornamelijk jonge mannen met een gemiddelde leeftijd van 15 jaar oud, laat het onderzoek door arts-onderzoeker Van Yperen zien.4 Hand- en oogletsels zijn de meestvoorkomende verwondingen die in de praktijk worden gezien door SEH-arts Frenken en blijkt ook uit het onderzoek.4 Ernstigere verwondingen ziet Frenken vaker bij oudere mannen rond de 25 jaar, omdat zij vaker met gevaarlijker vuurwerk experimenteren. In slechts 22 procent van de gevallen gaven slachtoffers in het onderzoek aan illegaal vuurwerk gebruikt te hebben.4 Traumachirurg Van der Vlies merkt op dat het werkelijke percentage mogelijk hoger ligt vanwege onderrapportage. Daarnaast laat het onderzoek zien dat bijna de helft van de vuurwerkslachtoffers omstander is en het vuurwerk dus niet zelf aanstak.4

Schade

Op de Spoedeisende Hulp loopt de schade uiteen van milde klachten van stofdeeltjes in het oog tot ernstige brandwonden en zelfs fracturen, vertelt Frenken. De meeste patiënten kunnen op de huisartsenpost en in perifere ziekenhuizen door breed opgeleide huisartsen en SEH-artsen worden behandeld. Voor ernstige brandwonden, oogletsel en ledemaatbedreigende schade wordt er naar specialisten en gespecialiseerde centra, zoals brandwondencentra, traumacentra en het oogziekenhuis doorverwezen. Ongeveer een derde van de patiënten met vuurwerkletsel moet worden opgenomen en bijna 20 procent van de patiënten moet worden geopereerd als de brandwonden niet spontaan genezen na enkele weken.5 De ernst van vuurwerkletsel wordt snel onderschat, vertelt Frenken, waardoor in de follow-up mensen nog lange tijd klachten kunnen houden. Volgens Van der Vlies ligt de sleutel bij de manier van omgaan met het letsel: jonge mensen zijn gelukkig weerbaar en passen hun levensstijl makkelijk aan. Slechts enkele patiënten rapporteerden na een jaar een verminderde kwaliteit van leven, liet het onderzoek door van Yperen zien.5

 

Alcohol

De meeste vuurwerkincidenten worden in het Elkerliek ziekenhuis rond 30 en 31 december al gezien. Toch is er standaard opschaling van personeel tijdens de jaarwisseling, vertelt Frenken. Dit is voornamelijk vanwege het grote aantal patiënten dat met alcoholgerelateerde problemen op de Spoedeisende Hulp komt; van vallen tot vechtpartijen en verkeersongelukken. Een groep patiënten die volgens hem een veel grotere druk op de zorg legt rond de jaarwisseling dan vuurwerkslachtoffers. Hoewel hij twijfelt over de effectiviteit van de maatregel, beaamt hij dat vuurwerkletsel vermijdbare zorg is. Of het aantal vuurwerkslachtoffers deze jaarwisseling lager was, moeten de officiële cijfers van de landelijke registratie nog uitwijzen. Van der Vlies zag tijdens de nacht van 31 december in ieder geval beduidend minder patiënten binnenkomen in het brandwondencentrum. Over de cijfers durft hij zich net na de jaarwisseling nog niet uit te spreken, omdat veel patiënten pas in de eerste weken van januari in het brandwondencentrum terechtkomen. Wat hem wel reeds opgevallen is, is de toename in brandwonden door direct vuur. Mogelijk werden er weer meer kampvuurtjes gebouwd.

Preventie

Aandacht voor preventie van vuurwerkletsel is volgens beide artsen van groot belang. Of een vuurwerkverbod daarvan onderdeel moet zijn, blijft een lastige discussie. Van der Vlies neemt geen standpunt in voor of tegen vuurwerk. Maar vanuit zijn positie als arts is hij in ieder geval tegen vuurwerkletsel, dat spreekt voor zich. Hoewel veel volwassenen de risico’s kunnen afwegen voor zichzelf, kunnen kinderen en adolescenten dat minder goed. Dat ook omstanders onverwacht gewond kunnen raken is erg, vindt de traumachirurg. Een Rotterdamse arts die ijvert voor een consumentenvuurwerkverbod is Tjeerd de Faber van het Oogziekenhuis. Hij liet in samenwerking met de overheid zien dat het dragen van een beschermingsbril bij vuurwerk leidt tot minder blindheid.6 Frenken ziet een belangrijke rol voor landelijke campagnes voor een veilige jaarwisseling. Volgens hem biedt ook georganiseerd afsteken van vuurwerk een oplossing. Zo haal je de risico’s weg bij het individu en gebeurt het onder gecontroleerde omstandigheden. Van der Vlies ziet ook mogelijkheden in alternatieve vormen van vuurwerk, zoals droneshows en lichtshows. Toch zou het jammer zijn om de feestelijke traditie van vuurwerk in de toekomst te moeten missen, geeft Frenken toe.

Vuurwerkverbod

Deze dokters zijn het met elkaar eens: vuurwerkletsel kan en moet voorkomen worden. Het veroorzaakt te vaak leed bij jonge mensen en onschuldige omstanders. Hoewel dit jaar de coronapandemie de aanleiding was, lijkt een vuurwerkverbod ook in de toekomst niet onwaarschijnlijk. De oplossing ligt in de aanpassing van onze feestelijke Nederlandse traditie, zonder deze te verliezen. Een jaar van veranderingen heeft ons al laten zien dat oude gewoonten plaats kunnen maken voor nieuwe.

voetnoten

1. Valkenberg H, Nijman S. Ongevallen met vuurwerk, jaarwisseling 2019-2020. Veiligheid NL. 2020

2. Rijksoverheid. Beperking vuurwerkoverlast. [Internet] Rijksoverheid.nl. 2014 [geraadpleegd 9 jan 2021]

3. Rijksoverheid. Vuurwerkverbod tijdens oud en nieuw 2020-2021 [Internet]. Rijksoverheid.nl. 2020 [geraadpleegd 9 jan 2021]

4. van Yperen DT, van der Vlies CH, de Faber JTHN, Penders CJM, Smit X, van Lieshout EMM, et al. Firework injuries in the south-western region of the Netherlands around the turn of the year 2017-2018. [Internet] ntvg.nl. 2018 [geraadpleegd 9 jan 2021]

5. van Yperen DT, van der Vlies CH, de Faber JTHN, Smit X, Polinder S, Penders CJM, et al. Epidemiology, treatment, costs, and long-term outcomes of patients with fireworks-related injuries (ROCKET); a multicenter prospective observational case series. PLoS One. 2020;15(3):e0230382.

6.Valkenberg H, Nijman S. Type vuurwerk en vuurwerkletsel, vuurwerkongevallen 2018-2019. Veiligheid NL. 2019

vuurwerk
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.