Alles voor jou als geneeskundestudent

Inloggen
naar overzicht
KNMG Studentenplatform Eleonore Vennemann Bob Emmen
14 augustus 2012 4 minuten leestijd

Arts m/v

Plaats een reactie

Enquête Studentenplatform: geef mannen en vrouwen evenveel kans

Hoewel 63 procent van de artsen nog mannelijk is, rukt de feminisering van het doktersvak snel op. In de collegezaal is zelfs twee derde vrouw. Is dat erg? De meeste geneeskundestudenten zien liever een fiftyfiftyverdeling. Bob Emmen en Eleonore Vennemann

Uit de jaarlijkse enquête, die het KNMG Studentenplatform in november 2011 onder geneeskundestudenten hield, blijkt dat een meerderheid van zowel mannelijke als vrouwelijke studenten vindt dat er momenteel te veel vrouwen rondlopen op de faculteit. Zowel mannelijke (49%) als vrouwelijke (63%) studenten gaven aan dat zij het liefst een fiftyfifty man-vrouwverhouding zouden willen in hun latere werk.

Ook volgens professor Gerda Croiset, opleidingsdirecteur geneeskunde aan het VUmc, is dat de meest wenselijke situatie. Zo vertelt zij in een eerder interview in Medisch Contact: ‘Je moet als patiënt wel kunnen kiezen tussen een vrouwelijke en een mannelijke arts. Daarnaast bestaat het risico dat een vak voor jongens minder aantrekkelijk wordt als veel meisjes ervoor kiezen’ (MC 51-52/2008: 2156).

‘We hebben de kwaliteiten van
beide geslachten nodig’


Hoog aanzien van een vak is voor mannen belangrijker dan voor vrouwen. Recent onderzoek van hoogleraar Peter Groenewegen naar veranderende verhoudingen in de gezondheidszorg laat echter zien dat het maatschappelijk aanzien van de dokter de afgelopen dertig jaar stabiel is gebleven, terwijl er steeds meer vrouwelijke artsen zijn gekomen.

Andere kwaliteiten
De keuzevrijheid van patiënten voor een mannelijke of vrouwelijke dokter is binnen een aantal specialismen nu al moeilijk te realiseren. Bij orthopedie is 92 procent van de artsen mannelijk, terwijl bij de klinische genetica 74 procent van de artsen vrouwelijk is. De komende jaren vindt er binnen een aantal specialismen een verschuiving plaats. Bepaalde vakgebieden feminiseren, terwijl in andere specialismen de huidige scheve verhoudingen juist worden gecorrigeerd. Op dit moment is bijvoorbeeld 40 procent van de huisartsen vrouw tegenover 71 procent van de huisartsen in opleiding. Daarentegen wordt de verhouding binnen kno rechtgetrokken: momenteel is 19 procent van de kno-artsen vrouw, tegenover 48 procent van de opleidingsassistenten.

De verandering binnen een aantal specialismen is een gunstige ontwikkeling. Mannelijke artsen beschikken over andere kwaliteiten dan vrouwelijke, maar beide geslachten vullen elkaar aan. Volgens professor Toine Lagro-Janssen, hoogleraar vrouwenstudies aan het UMC St Radboud, communiceren vrouwen vaker probleem- en patiëntgericht, terwijl mannen eerder taak- en oplossingsgericht zijn. “Binnen de geneeskunde hebben we de kwaliteiten van beide geslachten nodig: vrouwen voor het sociale element en de communicatie en mannen voor de technologische ontwikkelingen van het vak” aldus Marlies de Rond, beleidsmedewerker van de KNMG.

Status
Mannen en vrouwen verschillen niet alleen wat betreft hun kwaliteiten; maar ook ten aanzien van hun interesses, ambities en verwachtingen voor hun carrière. Vrouwelijke studenten vinden de mogelijkheid tot parttime werken en de relatie met de patiënt belangrijk. Mannen voelen zich meer aangetrokken tot de innovatieve en technische kant van het vak. Ook uit de enquête van het Studentenplatform blijkt een dergelijk onderscheid. Een op de vier van de mannelijke respondenten gaf aan zaken als status, geld verdienen en een leidinggevende functie belangrijk te vinden, tegenover 9 procent van de vrouwelijke studenten. Bijna iedere geneeskundestudent vindt zichzelf ambitieus. Echter meer mannen (41%) dan vrouwen (25%) vinden zichzelf ambitieuzer dan medestudenten. En 18 procent van de mannelijke studenten geeft aan hoogleraar te willen worden, terwijl slechts 7 procent van de vrouwen deze ambitie deelt.

Voorkeursbehandeling
Aan de top zijn er op dit moment nog veel mannelijke hoogleraren (92%), maar aan de opleiding beginnen steeds meer vrouwen (66%). Door decentrale selectie is het theoretisch mogelijk voor faculteiten om bewust meer mannen toe te laten en zo de scheve verhouding recht te trekken. Positieve discriminatie op basis van geslacht is echter verboden op basis van artikel 1 van de Nederlandse Grondwet. Terecht, vinden de meeste studenten. Zij hebben overigens de indruk dat er in de vervolgopleidingen al een voorkeursbehandeling op basis van geslacht plaatsvindt; 56 procent van de vrouwelijke studenten is van mening dat bij gelijke kwaliteiten hun sekse in hun nadeel werkt. Ook 45 procent van de mannen denkt dat er hierdoor ongelijke kansen ontstaan. Emma (niet haar echte naam), inmiddels aios kno, heeft hiermee te maken gehad: ‘Bij het eindgesprek van mijn oudste coschap vroeg mijn begeleider of ik ook echt kno-arts wilde worden. Toen ik bevestigend antwoordde, was zijn reactie “Wat zal ik zeggen, je bent een meisje hè.” Na mijn sollicitatiegesprek hoorde ik: “Je hebt het erg goed gedaan, maar de andere kandidaat is een man.” Als man hoef je je minder te bewijzen.’

Het KNMG Studentenplatform roept op tot onderzoek naar mogelijkheden om de studie toegankelijk én aantrekkelijk te houden voor zowel mannen als vrouwen. Hierdoor krijgen alle artsen in spe dezelfde kansen en wordt geselecteerd op prestaties en kwaliteiten en niet op de aan- of afwezigheid van een Y-chromosoom.


PDF


Bronvermelding:

Feiten en cijfers over (aanstaande) artsen m/v 2011, VNVA & UMC St Radboud.

Rond, M de Lotte heeft meer kans dan Peter. Vrouwen en mannen in de geneeskunde: de balans slaat door. Medisch Contact 28/2011: 1800.

Croiset, G: Interview: Ik ben absoluut niet tegen vrouwen. Medisch Contact 51-52/2008: 2156.

Velden, van der LFJ et al. Toenemend percentage vrouwen in de geneeskunde: verleden, heden en toekomst. Ned Tijdschr Geneeskd. 2008/152: 2165.

Soethout MBM et al, Carrièrewensen en beroepskeuze van recent afgestudeerde artsen. Ned Tijdschr Geneeskd. 2007/151: 2118.

Lugtenberg M, et al, Artsen en hun carrièrewensen, een literatuurverkenning, Nivel 2005.

Lagro-Jansen, ALM. De geneeskunde is niet genderneutraal: invloed van de sekse van de dokter op de medische zorg Ned Tijdschr Geneeskd. 2008/152: 1141.

Capaciteitsorgaan, Capaciteitsplan 2010 revisie 1.1, januari 2011.

Verheijen, JLCM. Eindverslag benchmark loopbaanontwikkeling vrouwelijk/mannelijk medisch en medisch wetenschappelijk personeel. Maastricht, mei 2008.

MSRC (Medisch Specialisten Registratie Commissie). Jaarverslag 2009.

Groenewegen, PP et al. Professies en de toekomst: veranderende verhoudingen in de gezondheidszorg. Utrecht, VVAA, Springer, 2007.

Rademakers, JJDJM et al. Verschillen in belangstellingsprofielen van vrouwelijke en mannelijke studenten geneeskunde. Tijdschrift voor Medisch Onderwijs 2008/27(4): 171.

Oud, M. Rem de meiden niet af. Arts in Spe 13/2012: 746.

beeld: Corbis, Getty Images | bewerking: Caroline Hogervorst
beeld: Corbis, Getty Images | bewerking: Caroline Hogervorst
print dit artikel
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.