Alles voor jou als geneeskundestudent

Inloggen
Blogs
Blog

Komt een vrouw bij de dokter

Plaats een reactie

Dit gaat vast over een vrouw met borstkanker die bij de dokter komt. Klopt. Dit verhaal gaat alleen niet over de vrouw zelf. Het gaat over de dokter.

getty images
getty images

De chirurg is 34 jaar oud, net een jaar klaar met zijn opleiding. De hele dag loop ik al met hem mee op de mammapoli, waar hij me van alles heeft uitgelegd en geleerd. Wat waren zijn patiënten ook blij met hem. Ik snapte dat wel; precies wanneer het nodig is, zegt hij de juiste dingen, laat hij een stilte vallen of legt hij een hand op de schouder. Bij één patiënt die dag lukte het hem op een of andere manier niet. Althans, volgens hem.

Zij is 64 jaar, en is borstsparend geopereerd aan borstkanker. Echografisch waren de lymfeklieren goed. Ze komt op de poli voor de uitslagen na de operatie. We gaan haar zo ophalen. ‘Shit, dit is niet goed, fluistert hij. Haar lymfeklier heeft een metastase. Dat gaan we haar nu vertellen.’ Patiënte kwam met haar zoon en partner. Het hoge woord is eruit. Hij gaat verder met het verhaal. ‘Dit betekent dat u in aanmerking zou komen voor aanvullende chemotherapie.’ Wanneer hij dit vertelt, blijft van de opgewekte vrouw niks meer over. Ze valt stil. Na het borst- en okselonderzoek zit ze weer op de stoel. Stil. De chirurg laat een stilte vallen. Geeft gevoelsreflecties. Probeert te praten over hoe ze zich voelt, dat dit vast schrikken is. Niets, de vrouw blijft stil. ‘Nu wil ik naar huis’, zegt ze kordaat. ‘Snap ik, ik loop even met u mee.’

Hij komt terug en ploft op zijn stoel met een zucht. Hij draait zijn stoel naar me toe. ‘Deze mevrouw was erg joviaal de eerste keer dat ik haar zag. Ze had een heel kleine tumor. Lachend en grappend liep ze toen weg. Alles zou goed komen. Ondanks dat ik haar had verteld dat de lymfeklieren misschien ook metastasen konden bevatten. Nu reageert ze zo. Ik heb nu het gevoel alsof ik het niet goed heb gedaan. Alsof zij vond dat ik het niet goed deed. Daar baal ik van.’ ‘Vond je dat zo overkomen?’ vroeg ik. ‘Ja, ik wel. Hoe vond jij het gesprek gaan?’ ‘Totaal niet zo. En iedereen reageert natuurlijk anders. Misschien wil zij niet huilen waar de dokter bij is.’

‘Ja, misschien’, mompelt hij. Stilte. ‘Ik vind dat je het heel goed deed net’, zeg ik. Hij grinnikt. Waarschijnlijk gelooft hij me niet, of vindt hij me een slijmbalcoassistent. Eigenlijk kan me dat niet zoveel schelen, want wat was dit een goede dokter en dat moest hij weten ook.

Als arts je eigen kwetsbaarheid en onzekerheid laten zien aan een coassistent gebeurt niet vaak. Geen wonder dat mijn beeld van de artsen met wie ik meeliep onverwoestbaar was: ze wisten alles, konden alles, deden alles. Ik had ze geïdealiseerd. Hoe zou ik ooit van coassistent uitgroeien naar een specialist? Het is nooit eerder voorgekomen dat een specialist zijn of haar onzekerheid over eigen handelen met mij als coassistent deelde wanneer ik op de poli meeliep. Deze arts doet het wel, en in mijn ogen maakt dat van hem een nog betere arts dan hij al was. Ik neem mezelf één ding voor: later zal ik dat ook zo doen.

arts-patiëntrelatie
  • Avin

    Avin studeert geneeskunde en loopt coschappen.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.