Alles voor jou als geneeskundestudent

Inloggen
naar overzicht
Blog

Even bij stilstaan

Plaats een reactie

Een paar weken geleden was ik bij de Els Borst-lezing over kwaliteit van zorg, die dit jaar werd gehouden door Joris Slaets. Wat me vooral is bijgebleven, is dat er meer aandacht moet uitgaan naar het relationele aspect in de zorg en de narratieve kaders: het verhaal achter de patiënt. Ik moest direct denken aan iemand die ik niet zo lang geleden op de dagbehandeling heb gezien. Een patiënt met wie ik mocht praten voor mijn onderzoek…

getty images
getty images

De oncologieverpleegkundige wijst naar een bed, en zegt: ‘Zij is misschien geschikt, maar ze praat niet heel gemakkelijk.’ Het is een lang, mager meisje. Ze kijkt wat apathisch voor zich uit en is tussen de 18 en 20 jaar. Ze is vast nog wat aan het puberen, denk ik. Ik loop naar haar toe en stel me voor. Haar antwoord verrast me, maar ik laat niks merken – ze is nauwelijks te verstaan. Ik laat haar rustig doorpraten en vraag waarom ze hier is. Ze krijgt immunotherapie. Haar moeder schiet te hulp en vertelt dat ze voor de immunotherapie naar dit ziekenhuis zijn gekomen, maar dat ze nu vooral last heeft van eerdere behandelingen. Er lijkt een zenuw bekneld; haar stembanden functioneren nog minimaal, ze krijgt sondevoeding.

Ik probeer zoveel mogelijk rechtsreeks met haar te praten en geef aan dat het heel mooi is dat ze nog zo kan communiceren. Ze kijkt me glimlachend aan. Maar ik ben blij dat haar ouders erbij zijn.

De moeder vertelt dat ze erg hun best doen om de kwaliteit van leven zo goed mogelijk te behouden. Internet blijkt een uitkomst. Zo zijn ze erachter gekomen dat een injectie met prednison een positief effect kan hebben. Ze hebben er zelf een ziekenhuis bij gezocht.

Het beheerst hun leven. Ik zie hier niet zo zeer een arts-patiëntrelatie, als wel een ouder-dochterrelatie. Over de korte levensverwachting wordt niet gesproken. Ze krijgt immunotherapie, dat werkt goed, en daarvan heeft ze geen last. Dit heeft dus geen prioriteit. Maar die continue zorg om die kwaliteit van leven zo hoog mogelijk te houden, dát lijkt een dagtaak.

Het raakt me. Als ik hen hier zo samen zie, en me voorstel hoe het er elke dag weer voor hen uitziet. ‘Er voor de ander zijn’ was ook iets wat ter sprake kwam in de Els Borst-lezing. Dat geldt sterk voor deze mensen. Mantelzorgers zijn zo belangrijk! Met de beste wil van de wereld kun je die rol als arts of andere zorgverlener niet vervullen. En dat hoeft ook niet. Maar het is wel iets om bij stil te staan: wat er nog allemaal gebeurt nadat zulke mensen uit het ziekenhuis zijn weggewandeld.

print dit artikel
  • Carmen

    Carmen (pseudoniem) heeft na tien jaar in het onderzoek de stap naar geneeskunde gemaakt. De bevlogenheid en energie in het ziekenhuis waren voor haar doorslaggevend. Nu combineert ze beide.  

Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • Er zijn nog geen reacties