Laatste nieuws
Sander Galjaard
1 minuut leestijd

Een kleine imperfectie (2)

Plaats een reactie

Mink van der Molen (MC 26/2007: 1116) bespreekt de toegenomen wens tot prenatale counseling van aanstaande ouders bij wie een foetus met een schisis wordt gevonden of vermoed. Ook wordt in het artikel gesproken over de mogelijkheden om deze aandoening te behandelen en het risico dat lichtvaardig om zwangerschapsafbreking wordt verzocht.



Wij onderstrepen het belang van goede counseling door het multidisciplinaire schisis­team, vooral vanwege de beperkingen en operaties die een kind met een lip- en/of gehemeltespleet staan te wachten. Wij willen daarom vanuit de prenatale diagnostiek benadrukken dat met de incidentie van 1 tot 2 per 1000 geboorten (in Nederland dus zo’n 200 per jaar) de lip- en/of gehemeltespleten de meest voorkomende gezichtsaandoening is. Dat zo’n 350 syndromale aandoeningen met een schisis geassocieerd zijn, maakt de aandoening complexer dan wordt gesuggereerd en rechtvaardigt verder onderzoek (geavanceerd ultrageluidsonderzoek, karyo­typering). In de literatuur worden verschillende prognoses genoemd: 35-50 procent geassocieerde (ernstige) afwijkingen, vooral bij mediane complete schisis. De ‘geïsoleerde’ laterale schisis van het palatum primum heeft de beste prognose.     



De discussie over het wel of niet verantwoord vinden van een abortus bij een geïsoleerde schisis, moet volgens ons breed worden gevoerd, niet in de laatste plaats door medisch ethici. Het artikel heeft tenslotte de rubriekskop ‘ethiek’ meegekregen. Eén ethische grondslag spat van het stuk af: het hellende vlak. ‘Hoe perfect moet je tegenwoordig als foetus van drie maanden zijn om niet vroegtijdig te sneuvelen in het antenatale traject. (…) Dat is een gevaarlijke weg’. Dit is een tendentieuze opmerking waarvoor de grond ontbreekt. De wet op de zwangerschapsafbreking vraagt niet naar de aard van een eventuele aandoening bij de foetus, maar vraagt de arts vast te stellen of bij aanstaande ouders sprake is van een noodsituatie.



Een schisis kan vroeg in de zwangerschap worden gesteld, maar de diagnose wordt veelal niet voor amenorrhoeaduur van 18-22 weken gesteld. In die periode wordt immers het structureel echosopisch onderzoek (SEO) aangeboden, waarbij de beoordeling van bovenlip en -kaak optioneel is (

www.nvog.nl

, richtlijnen, modelprotocol SEO).



Maastricht, juli 2007


Sander Galjaard, arts prenatale diagnostiek en therapie

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Er zijn nog geen reacties
 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.