Inloggen
Laatste nieuws
Nieuws

ZonMw: ‘Onderzoek door OM bij late zwangerschapsafbreking meestal niet nodig’

1 reactie

Na late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij pasgeborenen volgt altijd een onderzoek door het Openbaar Ministerie. Maar dat kan in veel gevallen worden afgeschaft, zo blijkt uit een evaluatierapport dat ZonMw uitbracht na onderzoek door Pro Facto en Amsterdam UMC over de Regeling beoordelingscommissie late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij pasgeborenen, die sinds 1 januari 2016 van kracht is.

Na late zwangerschapsafbreking (na een zwangerschapstermijn van meer dan 24 weken) of levensbeëindiging bij pasgeborenen volgt altijd een onderzoek door het Openbaar Ministerie, ook nadat de beoordelingscommissie heeft geoordeeld dat de betrokken arts zorgvuldig heeft gehandeld. Dit is volgens de onderzoekers een van de belangrijkste redenen voor artsen om zeer terughoudend te zijn met het uitvoeren van late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij pasgeborenen en dit liever vermijden. Artsen hebben zorgen en angst over de gevolgen van de melding van hun handelen, die sterk samenhangen met de strafrechtelijke context van de regeling en de kans op strafrechtelijke vervolging.

Belastend

De dubbele toetsing wordt volgens de onderzoekers door artsen als zeer belastend ervaren; zij blijven gemiddeld zes maanden langer in onzekerheid over een goede afloop van de zaak. Daarbij is de toegevoegde waarde ervan niet duidelijk, want geen van de betrokken partijen heeft twijfels over de kwaliteit van de oordelen van de beoordelingscommissie. Een van de aanbevelingen is dan ook dat de ministeries van VWS en JenV de toetsing door het OM – na het oordeel ‘zorgvuldig’ door de beoordelingscommissie – afschaffen.

Daarnaast werpen de onderzoekers de vraag op of de regeling in het bewerkstelligen van transparantie en toezicht niet enigszins is doorgeschoten. Ook zwangerschapsafbrekingen in categorie 1, waarbij sprake is van een aandoening waardoor de vrucht na de geboorte niet levensvatbaar is, worden beoordeeld door de beoordelingscommissie en door het OM. In het verleden werd de beoordeling van deze categorie aan de beroepsgroep zelf overgelaten en de onderzoekers adviseren dit nu ook weer zo te doen

Voortoets

Volgens de onderzoekers geeft een groot deel van de artsen aan dat zij graag voorafgaand aan late zwangerschapsafbreking duidelijkheid zouden willen krijgen over het al dan niet voldoen aan de zorgvuldigheidseisen. Doordat zo’n soort ‘voortoets’ nu niet bestaat gaan artsen voor de zekerheid vaak uit van een strikte interpretatie van de zorgvuldigheidseisen, met mogelijk als gevolg dat niet tot late zwangerschapsafbreking wordt overgegaan, terwijl dit op grond van de criteria wel mogelijk was geweest.

Volgens de onderzoekers komt het nu voor dat zwangere vrouwen uitwijken naar België voor late zwangerschapsafbreking vanwege de terughoudendheid van artsen in Nederland, terwijl in een aantal gevallen de late zwangerschapsafbreking ook had gepast binnen de Nederlandse regeling. Dit brengt voor ouders extra belasting met zich mee en het gevoel ‘crimineel bezig te zijn’.

Meldingen

Sinds 2016 zijn negen meldingen van late zwangerschapsafbreking in categorie 1 gedaan en veertien in categorie 2 (waarbij bij de ongeborene sprake is van een of meerdere aandoeningen die tot ernstige en niet te herstellen functiestoornissen leiden of waarbij een beperkte kans op overleven bestaat). Er werd één keer melding gedaan van een levensbeëindiging bij een pasgeborene. Er zijn geen aanwijzingen dat late zwangerschapsafbreking of levensbeëindiging bij pasgeborenen wel wordt gedaan, maar niet wordt gemeld. Ook zijn alle meldingen als zorgvuldig beoordeeld en werden alle meldingen geseponeerd door het OM.

Lees ook
Nieuws recht zwangerschap levensbeëindiging strafrecht
  • Simone Paauw

    Simone Paauw (1978) werkt sinds april 2008 als journalist bij Medisch Contact. Ze interviewt het liefst de ‘gewone’ arts met een bijzonder verhaal en neemt graag een kijkje in de praktijk.  

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Redactie Medisch Contact

    Redactie

    04-04-2022 14:14

    Geplaatst namens dhr. P.J.E. van Rijn

    Na een late zwangerschapsafbreking of een levensbeëindiging bij een pasgeborene volgt altijd een onderzoek door het OM. De vraag is of dit gerechtvaardigd is .De vraag hierachter is waar de grens ligt van het ...beschermingswaardige leven ,die nu bij 24 weken zwangerschap ligt. Volgens `De Volkskrant` [23-03022] is de `vrees voor vervolging toegenomen nadat justitie besloot een verpleeghuisarts te vervolgen voor euthanasie op een dementerend vrouw`. Het gevolg hiervan is dat de euthanasiecode van de RTE voor demente patiënten kan leiden tot euthanasie op wilsonbekwamen die ooit een wilsverklaring hebben ondertekend. Dit zou een stap kunnen zijn naar wilsonbekwamen die nooit een dergelijke wilsverklaring hebben ondertekend. Zoals ook in het geval van een abortus na 24 weken .Het verruimen van de mogelijkheid tot levensbeëindiging naar kinderen van 1 tot 12 jaar heeft onvoorziene consequenties voor andere wilsonbekwamen .Dat de Hoge Raad heeft bepaald dat een schriftelijke wilsverklaring voldoende is voor euthanasie geeft ruimte aan verdere speculaties. Maar een wetswijziging die levensbeëindiging van kinderen onder de 12 jaar mogelijk maakt zonder wilsverklaring kan de weg vrij maken voor levensbeëindiging bij andere wilsonbekwamen. Zoals bij demente patiënten die nooit een wilsverklaring daartoe hebben ondertekend. Bij zeer jonge kinderen kan levensbeëindigend optreden worden gezien binnen het kader van `goed` dan wel `normaal` medisch handelen .Onder strikte voorwaarden uit te voeren maar nier binnen de euthanasiewet vallend, Tussen 12 en 16 jaar is er al sprake van wilsbekwaamheid .Bij uitbreiding naar de leeftijd van 1 tot12 jaar kan levensbeëindiging worden toegepast zonder wilsverklaring. Daarmee zou de jurisprudentie van de rechterlijke uitspaak, dat een wilsverklaring vereist is, zijn achterhaald. Zodat euthanasie ook mogelijk zou zijn zonder wilsverklaring. De ontwerpers van de euthanasiewet de ministers Korthals Altes en Borst hebben het recht op leven gesteld boven het recht gevrijwaard te zijn van onmenselijke en vernederende handelingen .Deze vaststelling zou met een wetswijziging komen te vervallen. Waardoor uitzichtloos[?] en ondragelijk[?] lijdende wilsonbekwame patiënten, die nooit een wilsverklaring hebben getekend, voor euthanasie in aanmerking kunnen komen. Dit geldt dan ook voor een abortus boven de leeftijdsgrens van 24 weken. Een barmhartige uitkomst of een vogelvrijverklaring ?Het is deze interpretatie van de rechtvaardigheidsgrond van overmacht in de zin van noodtoestand ,zoals vastgesteld in artikel 40 van het Wetboek van Strafrecht ,die het schrappen van justitioneel onderzoek bij late abortus ongewenst maakt.

    Peter van Rijn

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.