Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Kees Verheyen Bart Burger Pim van Egmond Rob Nelissen
21 juni 2017 7 minuten leestijd
arbeidsmarkt

Overschot orthopeden dreigt

4 reacties

Een vaste aanstelling bemachtigen als orthopedisch chirurg is moeilijk deze dagen. Alternatieven zijn emigratie of een baan buiten de orthopedie. In beide gevallen gaat de maatschappelijke investering in deze specialist verloren.

Getty Images
Getty Images

De afgelopen jaren heeft een forse stijging plaatsgevonden van het aantal medisch specialisten. Beroepsvereniging De Jonge Specialist trok hierover in 2014 aan de bel.1 2 Het aantal orthopedisch chirurgen is de laatste vijftien jaar bijna verdubbeld (zie figuur 1). De gemiddelde leeftijd van orthopedisch chirurgen is dan ook relatief laag, waardoor er bij een ongewijzigde instroom van aiossen en een gelijkblijvend pakket van werkzaamheden een overschot aan orthopeden ontstaat.

Het opleiden van een orthopedisch chirurg kost bijna 1 miljoen euro en wordt betaald uit algemene middelen. Alleen al daarom is een goede capaciteitsraming van groot belang.3 4 Het Capaciteitsorgaan adviseert de zorgsector en de overheid hierover. Deze capaciteitsramingen zijn complex, maar de belangrijkste determinanten zijn: de instroom van nieuw opgeleide orthopedisch chirurgen, de uitstroom van gepensioneerden, en de potentiële groei van het vakgebied en de zorgvraag.

Analyse arbeidsmarkt

Tussen september 2015 en april 2016 heeft de Vereniging Orthopaedisch Chirurgische Assistenten (VOCA) twee enquêtes gehouden. Eén onder de groep orthopeden die tussen 1 januari 2012 en 1 maart 2016 hun opleiding hadden afgerond, de jonge klaren (n=164). De andere onder alle vakgroepen orthopedie in Nederland (n=109).

Van de 164 jonge klaren hadden er 69 (42%) een vast dienstverband, waarvan 26 (38%) in het buitenland (België, Engeland); 84 (51%) hadden een tijdelijk dienstverband, 10 (6%) waren werkloos en eentje was werkzaam in een ander vakgebied (zie figuur 2).

Voor de uitstroom van orthopeden is leeftijd de belangrijkste determinant. De leeftijdsopbouw van bij de Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten (RGS) geregistreerde orthopedisch chirurgen is scheef verdeeld: gemiddeld 47 jaar, SD 9,7, range 31-71 jaar (zie figuur 3).5 De komende jaren zullen naar verhouding weinig orthopeden met pensioen gaan.

Met de tweede enquête van de VOCA zijn alle vakgroepen orthopedie benaderd om te evalueren wat de verwachte uitstroom in 2016 binnen hun vakgroep zal zijn. De uitkomst hiervan kwam overeen met de verwachte uitstroom op basis van de leeftijdsopbouw.

Ondanks een groei van bewegingsapparaatgerelateerde zorg blijkt het bemachtigen van een vaste aanstelling moeilijk. Van de orthopedisch chirurgen die in 2012 klaar waren met hun opleiding heeft 63 procent een vaste aanstelling, van degenen die in 2015 hun opleiding hebben afgerond slechts 9 procent. Ruim een derde (37%) van deze jonge orthopeden met een vaste aanstelling is hiervoor naar het buitenland geëmigreerd.

Flexwerken

Nederland is kampioen flexwerken en mogelijk is bovenstaande hier een uiting van. Hierbij zijn echter wel enkele kanttekeningen te plaatsen. De huidige jonge klare heeft vaak één of meer fellowships gevolgd. Toepassing van de opgedane expertise is meestal niet mogelijk in een tijdelijk dienstverband. Hierdoor is er minder innovatie dan zou kunnen. Dit fenomeen, minder innovatie en dus een nadelig effect voor de kenniseconomie, is ook te zien in andere sectoren met veel flexwerkers.6 Ten slotte is er ook de financiële factor: tijdelijke contracten zijn goedkoper, terwijl de orthopedisch chirurg die al vier jaar klaar is en verschillende fellowships of andere tijdelijke contracten heeft gehad, een volwaardige werkkracht is die ook een volwaardige beloning moet krijgen.

Het afgenomen perspectief op een langdurige aanstelling binnen de orthopedie heeft tot gevolg dat jonge klaren na een aantal jaren van tijdelijke contracten voor een keuze staan: zo door of het roer om. Alternatieven zijn emigratie of een baan buiten de orthopedie. In beide gevallen gaat de maatschappelijke investering in deze specialist voor Nederland verloren en is dit voor de jonge klare een ingrijpende persoonlijke teleurstelling.

Ontwikkelingen

De vraag naar orthopedische zorg in de toekomst speelt een belangrijke rol in dit vraagstuk. Deze bestaat niet alleen uit een toename van bewegingsapparaatgerelateerde klachten door veroudering, overgewicht en sportletsels, maar ook door de inrichting van preventieprogramma’s en het ontstaan van nauwe samenwerkingsverbanden met bewegingsapparaatgerelateerde specialismen. Hierbij zal verticale en horizontale zorgsubstitutie een rol spelen.7 8

Ook vakinhoudelijke ontwikkelingen zijn van invloed op de vraag naar orthopeden. De laatste jaren is de electieve orthopedische zorg efficiënter, waardoor er op één dag meer patiënten kunnen worden behandeld die ook nog eens korter in het ziekenhuis verblijven. De zorgcapaciteit van de gemiddelde orthopeed ging hiermee omhoog. Daarnaast heeft evidencebased medicine binnen de orthopedie geleid tot minder operatie-indicaties (artroscopie van de degeneratieve knie, operatieve behandeling van het subacromiaal pijnsyndroom). Als laatste zal, conform de visie in het rapport-Kaljouw, meer zorg in de anderhalvelijnszorg moeten gaan plaatsvinden.7

Werkgelegenheid

Al deze factoren zullen in de toekomst leiden tot een andere verdeling van de werkzaamheden van orthopeden. Maar hoe kunnen we de huidige werkgelegenheid voor jonge klaren vergroten?

Substitutie en creatie Meer werk creëren door substitutie of uitbreiding. Dit is mogelijk door niet na het pensioen door te werken, parttime te gaan werken of regelmatig een sabbatical in te plannen. De Nederlandse Orthopaedische Vereniging (NOV) heeft samen met de VOCA en consultancybureau Sibbing de financiële gevolgen hiervan uitgewerkt voor maatschappen orthopedie en msb’s (medisch-specialistische bedrijven). Er is een aantal scenario’s opgesteld, met als variabelen: een werkplek binnen één of twee maatschappen, in dienst van (chef de clinique) of lid van de maatschap, en een inverdienregeling of een eenmalige goodwillverrekening.

Geïnteresseerde maatschappen kunnen zich aanmelden en krijgen dan een bezoek van een delegatie van het NOV-bestuur en het consultancybureau met vrijblijvende adviezen. Deze rondgang met financiële adviezen heeft al de eerste banen opgeleverd.

Inrichting spreekuur Shared decision making is de norm, waardoor patiënten beter geïnformeerd zijn en díe keuze kunnen maken die voor hen tot de beste uitkomsten leidt. Oudere, multimorbide patiënten zullen vaker spreekuren bezoeken, waardoor de afwegingen in de electieve indicatiestelling ingewikkelder zullen zijn. Dat zal naar verwachting leiden tot meer tijd per consult en theoretisch tot meer banen.

Praktisch Op de website van de NOV wordt een vacaturebank bijgehouden. Ook is er een lijst met jonge klaren die (bijna) klaar zijn en nog geen uitzicht hebben op een (tijdelijke) baan. Als er op korte termijn een vacature ontstaat door ziekte of uitval, krijgen de personen op deze lijst dit als eerste te horen.

Loondienst De heersende gedachtegang is dat het overgaan naar loondienst een positief effect heeft op de werkgelegenheid; het echte effect is echter onbekend. Op twee specialismen na werken de orthopeden het minst in loondienst.8 Met de subsidieregeling ‘overgang integrale tarieven medisch-specialistische zorg’ die eind 2014 in het leven werd geroepen, probeert de overheid de overgang van vrijgevestigd medisch specialist naar loondienst laagdrempeliger te maken. Voor de periode 2017-2019 is hier 10 miljoen euro voor uitgetrokken. Met deze subsidie kunnen specialisten maximaal 100.000 euro aan goodwill krijgen.9 In totaal hebben nu zo’n vijfhonderd artsen gebruikgemaakt van deze rijksregeling.10 Binnen de orthopedie niet of nauwelijks.

Minder orthopedisch chirurgen opleiden Afgelopen jaar, evenals dit jaar, heeft de NOV geadviseerd minder aiossen op te leiden dan het capaciteitsorgaan heeft aangegeven. Ondanks dit geringere aantal aiossen zal het aantal orthopedisch chirurgen nog wel steeds toenemen, omdat de komende jaren de instroom nog steeds hoger is dan de uitstroom.

Toekomstplanning Een betere eigen raming van de verwachte zorgbehoefte; rekening houdend met de verwachte uitstroom en vakinhoudelijke ontwikkelingen. Dit kan door een jaarlijkse enquête onder de NOV-leden te doen.

Accentverschillen tussen orthopeden Ook van de specialist wordt steeds meer verwacht op het gebied van management, kwaliteit & veiligheid, en onderwijs. Het actief opleiden in deze competenties zorgt voor meer werkgelegenheid en betere sturing op ontwikkelingen in de zorg.

Concurrentie Jonge klaren moeten buiten de veilige situatie van het ziekenhuis werk creëren. Mogelijkheden zijn: zbc’s, uitbreiding van franchises en het beter inrichten van de anderhalvelijnszorg. Er bestaan al lokale initiatieven.

Regionale capaciteitsplanning Vacatures in het midden en westen van Nederland zijn populairder dan vacatures in de uithoeken van Nederland. In sommige specialismen is er zelfs een probleem met het invullen van vacatures terwijl er werkloze jonge klaren zijn.11 12

Emigratie Tijdens de opleiding al voorsorteren op werken in het buitenland.

Subtiele balans

De regulering van de instroom van orthopeden in opleiding is complex, de balans tussen baan en overschot – dat wil zeggen: meerdere tijdelijke banen – is subtiel. Het aantal orthopedisch chirurgen is de afgelopen jaren fors gestegen en deze tendens zal niet afbuigen. Er dreigt een groep jonge klaren te ontstaan met tijdelijke banen of een groep die emigreert, wat allebei niet bijdraagt aan innovatie.

Deze ontwikkelingen zijn niet uniek voor de orthopedie, maar gelden ook voor andere specialismen. Daarom moet de discussie over de toekomst van de jonge medisch specialist ook elders, preventief gevoerd worden.

Pim van Egmond, aios orthopedie, Spaarne Gasthuis

prof. dr. Rob Nelissen, orthopedisch chirurg, Leids Universitair Medisch Centrum

dr. Kees Verheyen, orthopedisch chirurg, Isala Zwolle

dr. Bart Burger, orthopedisch chirurg, Noordwest Ziekenhuisgroep

Geen belangenverstrengeling gemeld door de auteurs.


contact

nov@orthopeden.org

cc: redactie@medischcontact.nl

De Jonge Specialist: Arbeidsmarkt

voetnoten

1. Enzo van Steenbergen. Waarom vertrekken zoveel specialisten naar het buitenland? NRC Q. 21-5-2014.

2. Lieke de Kwant. Braindrain in een jaar vervijfvoudigd. Medisch Contact 21-5-2014.

3. Enzo van Steenbergen. Topopleiding, maar werk? Ho maar! NRC Handelsblad. 21-5-2014.

4. Enzo van Steenbergen. Eindelijk arts, heb je geen werk. NRC Next. 21-5-2014.

5. Registratiecommissie Geneeskundig Specialisten - KNMG. Leeftijdsverdeling geregistreerde orthopedisch chirurgen.  5-10-2015.

6. Koen Haegens. Flexwerker is vrij, blij en gestresst. De Volkskrant 2017 Feb 8.

7. Dr. Marian Kaljouw, Dr. Katja van Vliet. Naar nieuwe zorg en zorgberoepen: de contouren. Commissie Innovatie Zorgberoepen en Opleidingen. 10-4-2015.

8. Capaciteitsorgaan. Capaciteitsplan 2016.  1-4-2016.

9. Overgang integrale tarieven medisch-specialistische zorg.  18-2-2017.

10. Ilse Kleijne. Vergoeding doet 500 artsen overstappen naar loondienst. Medisch Contact 2016.

11. Marieke van Twillert. Jonge Klare is niet zo mobiel. Medisch Contact 2017.

12. Venhorst V, Daams M, van Dijk J. De regionale mobiliteit en binding van medisch specialisten: Het belang van opleiden en onderwijs voor de regionale gezondheidszorg. Urban and Regional Studies Institute / University of Groningen 2017; URSI Research Report; no 360.

download het pdf

arbeidsmarkt orthopedie jonge klaren
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Hans Emanuel, chirurg, Rotterdam 28-06-2017 18:49

    "Voor een chirurg oude wijn in nieuwe zakken. Opleidingsplaatsen voor artsen waren niet voor de besten: de zeef van het toeval regeerde.
    Onafhankelijkheid is de voorwaarde voor vrijheid, hoop deugd voor loontrekkers, dus als pas vrijgevestigd jong chirurg vroeg ik aan opleiders, voldaan op hun speelveldje ter vergadering van de Ned. Ver. v. Heelkunde, waar het logistiek heen moest dat jaar met meer dan 20 jonge klaren tegenover 12 pensionado's.
    Immers, na 6 operatie loze maanden gaat je bevoegdheid rammelen: arbeid is de prijs voor opname in de gemeenschap, ook voor je zo tot nomadenbestaan bestempeld gezin.

    Het goed opgebouwd artikel toont in figuur 3 rechts de vele orthopeden al dan niet met plaspillen, bloedverdunners en wat dies meer zij.
    Stop de opleiding nu volledig op een basis aantal na voor het structuur behoud ervan tot vraag en aanbod zijn herstelt. Met elke uitgespaarde plaats voor een miljoen is afvloeings regeling/aanvullend inkomen voor die senioren ( keuring, verzekeringsadviseur, theoretisch opleider ? ) budget neutraal.

    Zelf ging ik aan het eind periodiek 2 maanden opereren in Kenia, sloeg met een bus over de kop en behoorde niet tot de doden ( mijn naam betekent God met ons ) - wat hier anders weer een vacature was geweest, dat wel !"

  • Hanneke Kouwenberg, nucleair geneeskundige / Fachärztin für Nuklearmedizin, p/a Doetinchem 24-06-2017 14:51

    "Collega Melchers stelt "specialisten zijn in Nederland heel erg duur". Dat klopt, als je puur naar de loonkosten kijkt. Maar als je de productie per specialist verrekend met de kosten en dan een vergelijking maakt met de Nederland omringende landen, valt er op deze stelling nogal wat af te dingen. Dan blijkt dat Nederlandse specialisten relatief goedkoop zijn, ook omdat alleen het specialistische werk dat niet niet door POH'ers op NP'ers gedaan kan worden, aan hen overgelaten wordt. Ik besteed bijvoorbeeld veel tijd aan voorlichting aan patiënten, maar ook het leggen van infusen en bloedafnames zijn nogal eens "artsenwerk", iets wat in Nederland allang is uitbesteed aan de (gespecialiseerde) verpleegkundige!

    "Niedergelassene" collegae verdienen in Duitsland een veelvoud van wat Nederlandse specialisten verdienen - met een hoger bedrijfsrisico dan wel, maar toch. De werknemers van de ziekenhuizen verdienen minder, zeker als zij in plaats van als Oberarzt ingeschaald zijn als Facharzt, maar daar staat een redelijk ruime vergoeding voor de diensten tegenover, en een voltijdse werkweek van 40 (in plaats van 45 of, in vrije vestiging gemiddeld 52) uur. Bovendien is er nogal eens onderhandelingsruimte, zeker in de hogere echelons zoals die van de "leitender Oberarzt", waarbij Chefärzte doorgaans zo'n tweeënhalve ton bruto verdienen (exclusief 'extra' werk zoals keuringen, en de extra opbrengsten ten aanzien van de particulier verzekerde patiënten).

    Ik heb, als "angestellte Fachärztin" geen "top of the bill"-inkomen, maar kan alle jonge klaren wel verzekeren: werken in je eigen vakgebied, het is emigratie waard. Nederlanders hebben een goede reputatie voor wat betreft hun competenties, de carrièrekansen over de grens zíjn beter, je wórdt hier met open armen ontvangen (wat na alle afwijzingen echt een verademing is voor je zelfbewustzijn), en Duits is echt te leren. Sie schaffen das!"

  • Roel Melchers, bedrijfsarts, Houten 23-06-2017 18:23

    ""In beide gevallen gaat de maatschappelijke investering in deze specialist verloren."

    'Ja... dat kan natuurlijk niet.', zal de oppervlakkige lezer denken.
    Maar er is een andere kant van de zaak: specialisten zijn in Nederland heel erg duur. De pogingen om daar wat aan te doen zijn talrijk, maar snelle vooruitgang wordt er niet gemaakt. Zo is de Balkenendenorm nog steeds niet op specialisten van toepassing!

    Dan maar een andere weg ingeslagen waarvan ik weet, dat dit meer is dan luchtfietserij: veel specialisten opleiden.
    Dan gaat de wet van vraag en aanbod effect sorteren: veel van iets maakt dat iets goedkoper: veel cardiologen... drukt hun prijs. En dat zal voor orthopeden niet anders zijn.

    Natuurlijk wil ik ook graag veel geld verdienen, maar ik heb ook een socialistisch virus in mij. En dan vind ik een te rechtvaardigen inkomensverdeling in de gezondheidszorg toch iets belangrijker dan mijn persoonlijk gewin."

  • Wil Hoefnagels, neuroloog, Oostburg 23-06-2017 12:16

    "De meeste orthopeden die ik ken, werken zich een slag in de rondte. Wat meer reflectie, vrije tijd en wat meer tijd voor hun patiënten zou niet verkeerd zijn. Zoals gewoonlijk gaat dit gewoon over geld. Als morgen alle orthopeden gedwongen zouden worden om in dienstverband te gaan werken, dan zou er zomaar plots een tekort aan orthopeden zijn. Schandalig om jonge mensen in de kou te laten staan of naar het buitenland te laten vertrekken!"

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.