Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
Laatste nieuws
Joost Visser
06 januari 2015 5 minuten leestijd
ethiek

‘Het is nooit: u vraagt, wij spuiten’

7 reacties

ETHIEK


Euthanasie plegen kost een arts veel energie

Zeven op de tien artsen vinden euthanasie belastend, zo blijkt uit een enquête van de KNMG (zie Dokters hikken soms tegen euthanasie aan) Medisch Contact vroeg vijf artsen die de vragenlijst invulden, wat euthanasie zo zwaar maakt. Hun antwoorden lopen
uiteen.

‘Als het zover is, slaap ik een hele nacht niet’, bekent huisarts Karin Jonker (42). ‘Ik beleef het als heel zwaar. Zelfs als ik het leven van de patiënt maar nauwelijks bekort, denk ik: “Waar zijn we mee bezig? Is dit normaal?” Ik ben ook een beetje boos: “Wat denk je wel, dat je dit zomaar van mij vraagt!” Ik maak een klein rouwproces door, met boosheid en ontkenning, in de zin van: “Misschien sterft zij vannacht een natuurlijke dood.” Maar als het achter de rug is, is het klaar. Altijd. Mensen staan paraat om mij op te vangen, maar nodig is dat niet.’

Begin dit jaar, vertelt Jonker, verleende zij in korte tijd drie keer achter elkaar euthanasie, ook aan een patiënte met wie zij een goede band had. Toen was het even genoeg. Als er weer een verzoek zou komen, zou ze er niet op ingaan, zo liet zij haar collega’s in het gezondheidscentrum weten. De wetenschap dat zij een eventueel verzoek zouden overnemen maakte haar rustig: ‘Maar verzoeken bleven uit. Tot ik de vraag pas geleden opnieuw gesteld kreeg. En nu gaat het weer en kan ik het weer opbrengen.’

Middag vrij

Ook Roelie Dijkman (51), specialist ouderengeneeskunde, kent de emotie vooraf. De angst dat er technisch iets misgaat speelt een rol (‘Daarom heb ik altijd een dubbele set bij me’), maar energievretend is vooral het afwegen van het lijden van de patiënt tegen de achtergrond van diens leven. ‘Ik ben empathisch’, zo beschrijft zij zichzelf. ‘Het kan zijn dat ik veel als “goed” beoordeel waar een ander wellicht strenger is. Eigenlijk zou een deel van de patiënten niet voor de test moeten slagen, als je het zo kunt noemen. Maar ik wil mensen ook niet laten zakken. Ik weet hoe belangrijk het voor hen is.’ Laatst kreeg Dijkman een patiënte doorgestuurd van wie de vraag om euthanasie, na een CVA, was afgewezen: ‘Was het een depressie, of een oprechte wens? Ik heb er lang over gedaan om daar zeker van te zijn.’ Al overwegend en ook tijdens de uitvoering voelt zij geen vermoeidheid: ‘Maar na afloop neem ik altijd een middag vrij.’


Suïcidaal

Ook psychiater Paulan Stärcke (60) noemt het emotioneel zwaar om die afweging te maken. In ten minste drie intensieve gesprekken – dat is voor haar het minimum – moet zij in beeld krijgen of er werkelijk sprake is van een weloverwogen en vrijwillig besluit of dat de patiënt suïcidaal is: ‘Soms speelt het allebei. Ik heb een aantal patiënten geholpen bij wie ik binnen een jaar een suïcide verwachtte. Maar er is een verschil of iemand welbewust de dood verkiest boven het leven, óf impulsief handelt vanuit een tijdelijke verstandsverbijstering. Ik heb een paar keer iemand die zich voor de trein wilde werpen, van het perron teruggepraat.’

Dat zij serieus ingaat op een verzoek om euthanasie, kan ertoe leiden dat de patiënt het nog even volhoudt en het niet tot euthanasie komt, weet Stärcke uit ervaring: ‘Al maak ik ook wel mee dat een patiënt het verzoek alleen maar gebruikt om aandacht te krijgen.’


Relatie opbouwen

Als arts van de Levenseindekliniek krijgt internist-hematoloog Jenne Wielenga (61) ook patiënten toegewezen met psychiatrische problemen, stapeling van ouderdomsklachten en beginnende dementie. ‘Bij hen komt het eropaan om in korte tijd een relatie op te bouwen’, stelt hij vast. ‘Dat is een voorwaarde. Het is nooit: u vraagt, wij spuiten.’ Hij herinnert zich een patiënt met psychiatrische problemen bij wie het proces vijf maanden heeft geduurd: ‘Ik werd bewogen door het leed van deze vrouw, maar vond het emotioneel zwaar. Want zonder euthanasie had zij nog dertig jaar kunnen leven.’ Voor de patiënten die hij vóór zijn pensioen uit het ziekenhuis kreeg, gold dat niet: ‘Hen kende ik al jaren, en zij hadden meestal een beperkte prognose. Dat maakte het gevoelsmatig makkelijker.’

Wielenga, die inmiddels filosofie is gaan studeren, vindt de Nederlandse euthanasiewetgeving goed en goed geformuleerd. Toch kost het ook hem energie om de regels toe te passen op individuele patiënten. ‘Soms is het moeilijk om goed af te wegen of er sprake is van uitzichtloos en ondraaglijk lijden. Of om vast te stellen dat er geen andere oplossing is.’


Grenzen verschuiven

Als enige van de vijf noemt Kees Ruissen (63) euthanasie niet belastend: ‘Maar ik wil niet de indruk wekken dat ik andere artsen daarmee afval.’ Het komt vooral, zo is zijn verklaring, omdat hij behalve huisarts ook SCEN-arts is: ‘Ik ken de procedures, ik ben er meer op gericht en het is minder uitzonderlijk. Daardoor kan ik de stappen sneller nemen.’ Vaker dan tien, twaalf jaar geleden, wordt euthanasie verleend aan patiënten die nog jaren voor de boeg zouden hebben, zegt Ruissen. ‘Ik heb het zelf nog niet meegemaakt, maar zou zo’n verzoek niet op voorhand afwijzen. Ik zie wel dat de grenzen verschuiven, en daar maak ik mij zorgen over.’

Ook komt het vaker voor – ‘ik schat bij twee op de tien’– dat patiënten het moment voor zich blijven uitschuiven: ‘Soms kan ik het lijden niet meer aanzien en denk: “Hak nu toch eens de knoop door!” Dat is belastend, want je gaat er toch twee keer in de week langs, en niet voor een kort praatje. Maar de patiënt is leidend. Ik zal nooit laten merken dat er voor mij een grens is bereikt.’ Hij heeft
al eens aan een toetsingscommissie moeten uitleggen waarom het zo lang had geduurd: ‘Kennelijk heeft zo’n patiënt nog een reserve aan energie.’

Omgekeerd ervaart Ruissen niet vaak druk van familie om juist wél snel tot euthanasie over te gaan. Als een patiënt rochelt, of onrustig beweegt, moet hij uitleggen dat dat niet altijd betekent dat hij lijdt. Echtgenoten en mantelzorgers, dicht bij de patiënt, begrijpen dat wel, zegt hij: ‘Moeilijker zijn familieleden die eens in de week komen kijken en merken dat het steeds slechter gaat. Zij zeggen al snel dat het zo niet langer kan. Dat de patiënt dit niet gewild zou hebben.’

Procedures

Mensen hebben doorgaans ‘geen idee’ van de procedures op het gebied van euthanasie, weet ook Karin Jonker. Misschien daardoor voelt zij wel degelijk druk. Van mensen die bij de eerste kennismaking al een datum willen afspreken, bijvoorbeeld. Of van die dementerende vrouw, die nooit over euthanasie had gepraat maar op een dag kwam vertellen dat het moment gekomen was: ‘Later kwam de familie op hoge poten naar de praktijk, de wilsverklaring in de hand: “Kijk maar, hier staat het!”’



Lees ook het artikel van Eric Van Wijlick: Dokters hikken soms tegen euthanasie aan, en de column van Gert van Dijk Euthanasie: geen recept dat je even ophaalt.



Joost Visser

j.visser@medischcontact.nl


Download het artikel (PDF)


Bekijk ook:

  • Dossier Levenseinde

Meer over goede zorg voor stervende patiënten en de impact op artsen op het Medisch Contact-evenement De dokter en de dood op 12 februari. Meer informatie.

Beeld: 123rf
Beeld: 123rf
euthanasie scen ethiek
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • J.A. Swinkels, psychiater, Amsterdam Nederland 06-01-2015 01:00

    "Lees de reakties van beneden naar boven"

  • J.A. Swinkels, psychiater, Amsterdam Nederland 06-01-2015 01:00

    "NRC 2011
    De Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde (NVVE) pleit voor het oprichten van ambulante teams die mensen met een euthanasiewens thuis kunnen opzoeken. Zij vindt dit nodig omdat patiënten niet altijd thuis kunnen sterven, bijvoorbeeld omdat een arts gewetensbezwaren heeft tegen het uitvoeren van euthanasie. Naar aanleiding van Kamervragen van de ChristenUnie en de PvdA laat minister Schippers van Volksgezondheid weten dat zij geen bezwaar heeft tegen de oprichting van deze ambulante teams.
    Er zijn vele bezwaren te bedenken tegen deze ambulante teams die het land doorreizen om patiënten te euthanaseren. De minister noemt zelf al de relatie tussen euthanasiepleger en patiënt. Bij deze ambulante teams bestaat deze niet of nauwelijks, terwijl het met toestemming doden van een ander (dat is waar euthanasie op neerkomt) een erg intiem proces is. Patiënten laten zich vaak euthanaseren door hun huisarts of een andere behandelaar met wie zij al een hechte relatie hebben opgebouwd en die zij vertrouwen.
    Het is opvallend om te zien dat in de huidige discussie over euthanasie, ambulante teams en speciale euthanasieklinieken het perspectief van de arts zelden of nooit wordt belicht. De impact die euthanasie heeft op de pleger (meestal de huisarts) is moeilijk te onderschatten. In het weinige wetenschappelijke onderzoek dat ernaar gedaan is worden gevallen besproken van artsen die depressief worden en zelfs maanden met zelfmoordneigingen rondlopen. Recent is dit beeld bevestigd door een onderzoek van EenVandaag, onder een grote groep huisartsen. Bijna driekwart van hen heeft psychisch last van het plegen van euthanasie. Als een huisarts al psychische schade ondervindt van het plegen van euthanasie, wat zal dan de psychische schade zijn bij de leden van de voorgestelde ambulante teams? Wat voor gevolgen heeft het werken in euthanasieklinieken voor mensen? Is het niet aannemelijk dat mensen die dit werk langere tijd kunnen volhouden een sinistere voldoening halen u"

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.