Inloggen
Laatste nieuws
R.J.H. Crommentuyn
6 minuten leestijd

Artsen profiteren ook van dierproeven

1 reactie
Beeld: De Beeldredaktie, Evelyne Jacq
Beeld: De Beeldredaktie, Evelyne Jacq

Jaarlijks vinden in Nederland ruim 330.000 dierproeven plaats ten behoeve van medische doeleinden. Niet iedereen is daar blij mee. Hoogleraar dierenwelzijn en proefdierkunde Frauke Ohl: ‘We zouden per direct kunnen stoppen met dierproeven, maar wel tegen een prijs’.

‘Persoonlijk vind ik het jammer dat Nederland weinig te koop loopt met wat er bereikt is voor het welzijn van proefdieren. Überhaupt is er weinig positieve publiciteit over dierproeven. Artsen zouden er ook wel eens positief over naar buiten kunnen treden. Het merendeel van de producten waar zij mee werken is tot stand gekomen met behulp van dierproeven. Om patiënten daarmee lastig te vallen gaat ver. Al is een vermelding in de bijsluiter misschien niet zo’n gek idee: “Dit product is ontwikkeld met behulp van dierproeven. De proeven zijn uitgevoerd na zorgvuldige ethische en praktische toetsing door een onafhankelijke dierexperimentencommissie.” Zoiets.’

Goed geregeld
‘We zouden per direct kunnen stoppen met dierproeven, maar wel tegen een prijs. Veiligheidseisen voor een reeks van huishoudelijke en medische producten schrijven dierproeven voor. Zonder dierproeven kunnen we het niveau van productveiligheid niet handhaven. Daarnaast is de ontwikkeling van biomedische kennis voor een deel gebaseerd op kennis die uit dierproeven is gebleken.

‘Nederland loopt voorop in de discussie
over het welzijn van proefdieren’

Nederland loopt voorop in de discussie over het welzijn van proefdieren. De wetgever schrijft strenge regels voor. Zo moet de verantwoordelijke voor dierproeven een welzijnsdagboek bijhouden. Bijvoorbeeld het gedrag van proefdieren wordt geobserveerd en op basis daarvan wordt een inschatting gemaakt van hun welzijn. De verzorgers vellen geen oordeel over de emoties van hun proefdieren, maar kunnen wel afwijkende gedragspatronen vaststellen, bijvoorbeeld als het slaap-waakritme van de dieren verstoord is.

Biologisch heeft welzijn vooral te maken met aanpassing. Het individu moet zich kunnen aanpassen aan negatieve omstandigheden. Zo beschouwd is een adequate angstreactie geen welzijnsprobleem. Om een voorbeeld te geven: muizen slapen overdag. Als je dan hun ruimte binnenkomt, schrikken ze en gaan zich verstoppen. Maar dan moeten ze wel de mogelijkheid hebben om zich te verstoppen. In Nederland is dat goed geregeld.’

Geen glashelder antwoord
‘Tijdens een proef kan het dier niet reageren zoals het wil. Het is dan in een situatie waarvoor het zelf nooit zou kiezen. Dan is vooral van belang hoe langdurig en hoe heftig het ongerief is. Want ook daarin heb je gradaties. Als een dier vijf minuten in een nieuwe omgeving moet verkeren, is de impact anders dan wanneer het dier vier weken pijn moet lijden bij een artritisproef. Voor dergelijke omstandigheden zijn strenge regels. De dierexperimentencommissie oordeelt voorafgaand aan een proef over nut, noodzaak en omstandigheden. Op welzijnsgebied zijn er regels voor bijvoorbeeld analgesie, hersteltijd, frequentie van blootstelling aan de proef et cetera.

‘Huisdieren worden anders beoordeeld

dan ongedierte’


Op de vraag wat verantwoord dierhouden is, kan ik geen glashelder antwoord geven. Morele kaders zouden contextonafhankelijk moeten zijn, maar dat zijn ze niet. Huisdieren worden anders beoordeeld dan proefdieren of ongedierte. Dieren hebben een intrinsieke waarde die losstaat van de gebruikscontext. Maar mensen handelen niet naar dit inzicht.


Je hoort mij niet zeggen dat een tegenstander van proefdiergebruik dan ook vegetariër moet zijn. Maar ik wil mensen graag aan het denken zetten. Iedereen moet voor zichzelf de consistentie van zijn denkbeelden over dieren nagaan. Feit is dat het gemakkelijk is om kritisch te zijn als de materie ver van je af staat. Als je mensen op straat ernaar vraagt, is 80 procent tegen dierproeven. Als je informatie geeft, blijkt de mening te veranderen. Als mensen weten dat een dierproef een heftige allergische reactie kan voorkomen, wegen ze een muizenleven toch anders.’

Robert Crommentuyn

Aanvullende informatie:

Wet op de dierproeven

Het jaarbericht over dierproeven en proefdieren van de nieuwe Voedsel en Warenautoriteit

Code of practice welzijnsbewaking van proefdieren

Beeld: Getty Images
Beeld: Getty Images
<strong>Klik hier voor een PDF van dit artikel</strong>

<!--proefdieren

De feiten

Volgens het jaaroverzicht van de nieuwe Voedsel en Warenautoriteit werden er in 2009 in Nederland 592.665 dierproeven geregistreerd. Per diersoort ging het om de volgende aantallen:

Dierproeven per diersoort

muizen 279.165
ratten 140.215
kippen 85.867
vissen* 26.240
andere vogels* 14.855
varkens 12.943
cavia’s 7742
konijnen 6320
schapen 4106
paarden 2994
hamsters 2794
runderen 2550
honden 1545
fretten 1284
amfibieën* 1252
andere knaagdieren* 717
oudewereldapen* 608
geiten 580
katten 296
reptielen* 274
andere vleeseters* 230
nieuwewereldapen*

47



andere zoogdieren*

41



* Vissen: Afrikaanse meerval, Afrikaanse barbeel, Australische paling, cycliden, driedoornige stekelbaars, diklipharder, Europese paling, fathead, forel, geelstaart, goudvis, goudwinde gup, harder, hondsvis, karper, meerval, paling, regenboogforel, rijstvis, sneep, snoekbaars, steur, tarbot, tilapia, riviertrekvissen, tong, zebravis en zonnebaars.

Andere vogels: brandgans, bonte vliegenvanger, duif, drieteenmeeuw, drieteenstrandloper, eend, gans, gele kwikstaart, goudplevier, grasparkiet, grauwe gans, grauwe kiekendief, grutto, (wilde) kalkoen, kanarie, kanoet, kauw, kemphaan, kleine zwaan, kokmeeuw, kolgans, koolmees, lepelaar, nachtzwaluw, papegaai, pimpelmees, postduif, rosse grutto, rotsstrandloper, spreeuw, stadsduif, valkparkiet, veldleeuwerik, wilde eend en zebravink.

Amfibieën: klauwkikker, Italiaanse kamsalamander, kamsalamander, luipaardkikker, pad.

Andere knaagdieren: bosmuis, Europese hamster, wilde en moerascavia, chinchilla, (Mongoolse) gerbil, katoenrat, korenwolf, noordse woelmuis en veldmuis.

Oudewereldapen: smalneusapen (Cercopithecoidea) zoals de resusaap, beermakaak, java-aap (of cynomolgus).

Reptielen: baardagaam, leguaan, schildpad, doodsadder, (Zuid-Amerikaanse) ratelslang, cobra, Indochinese cobra, koningscobra, rode spuwende cobra, tijgerslang en de oxyuranus (inland taipan).

Andere vleeseters: gewone zeehond en nerts.

Nieuwewereldapen: breedneusapen (Ceboidea) zoals marmoset.

Andere zoogdieren: meervleermuis, mol, lama, vetstaartbuidelspitsmuis.



Doel van het proefdieronderzoek per wettelijk omschreven categorie

wetenschappelijk onderzoek

52,8%

ontwikkeling, productie, controle of ijking van sera, vaccins, geneesmiddelen en medische of veterinaire producten

35,7%

onderzoek schadelijkheid van stoffen

6,7%

onderwijs en training

3,4%

diagnostiek

1,3%

Aantallen dierproeven voor medische doeleinden

De proeven hebben betrekking op een van de hierboven beschreven categorieën

115.028

dierproeven voor de ontwikkeling, productie, controle of ijking van geneesmiddelen voor de mens

30.166

dierproeven voor de ontwikkeling en productie van immuunsera, vaccins of andere biologische producten voor de mens

20.144

dierproeven voor het verschaffen of ontwikkelen van kennis van het menselijke of dierlijke lichaam of van handvaardigheid in het verrichten van ingrepen daarop

44

dierproeven voor het herkennen of opsporen van ziekten bij de mens

49.308

dierproeven voor een wetenschappelijke vraag over kanker bij de mens (exclusief het vaststellen van potentiële carcinogenen)

31.948

dierproeven voor een wetenschappelijke vraag over geestesziekten of ziekten van het zenuwstelsel bij de mens

25.684

dierproeven voor een wetenschappelijke vraag over hart en vaatziekten bij de mens

59.899

dierproeven voor een wetenschappelijke vraag over andere ziekten bij de mens



Ongerief

De mate van welzijn wordt bij proefdieren doorgaans vertaald in het begrip ‘ongerief’. Dit begrip vormt de kern van de Wet op de dierproeven (WOD) die tot doel heeft om proefdieren te beschermen. Welzijnsbewaking betekent in deze context: het voortdurend streven naar een zo laag mogelijk niveau van ongerief.

Mate van ongerief

gering-matig

66,1% (bijvoorbeeld eenmalig bloed afnemen)

matig-ernstig

31,4% (bijvoorbeeld ontwaken uit narcose)

ernstig-zeer ernstig

2,3% (bijvoorbeeld ziekten opwekken als reuma of multiple sclerose)

Na de proef

gestorven of gedood bij de proef

510.506

gedood na de proef

21.142

in leven gelaten

61.017

Bron: Zo doende 2009, Jaaroverzicht over dierproeven en proefdieren, nieuwe Voedsel en Warenautoriteit.

Acceptatie van dierproeven volgens een steekproef onder de Nederlandse bevolking (n = 876)

Voor wetenschappelijk onderzoek naar ziekten

weet niet

1%

zeer onacceptabel

7%

onacceptabel

11%

neutraal

22%

acceptabel

45%

zeer acceptabel

13%

Houding van de ondervraagden ten opzichte van dierproeven

geïnformeerd kritisch over dierproeven

31%

dierproeven als noodzakelijk kwaad

26%

anti dierproeven

15%

onverschillig over dierproeven

28%

Bron: Belevingsonderzoek Dierproeven, 2009, Intomart GfK.
-->

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • D.W. van Bekkum

    , ROTTERDAM

    03-01-2011 01:00

    1 Frauke Ohl stelt voor vermelding op de bijsluiter dat het middel is ontwikkeld met behulp van dierproeven. Een dergelijk voorstelwerd in 2004 gedaan door de Sectie Geneeskunde van de KNAW maar heeft het niet gehaald.
    2. Dit artikel vermeldt jamme...r genoeg niet dat er jaarlijks in Nederland meer gezonde vrijwilligers en patienten gebruikt worden bij geneesmiddelondzoek dan proefdieren
    3. De meeste artsen in Nederland zijn niet op de hoogte van noodzaak en nut van dierproeven.Uit een onderzoek in 2004 bleek dat slechts bij 1 opleiding geneeskunde het onderwerp dierproeven in het curriculum was opgenomen
    4 In de aanvullende info genoemde Code of Practice is ongedateerd.
    5Het had niet misstaan aals in de aanvi=ullende informatie de volgende websites
    waren vermeld:
    www.informatiedierproeven.nl
    www.understandinganimalresearch.org.uk
    ww.biomaatschappij.nl sla op het cahier Dieren in dienst jaargang2006 nr 1

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.