Dagelijks opinie, nieuws en achtergronden

Inloggen
naar overzicht
Joost Visser
26 maart 2012 8 minuten leestijd
marktwerking

Durfkapitaal voor het ziekenhuis

2 reacties

Reacties op het wetsvoorstel winstuitkering

Ziekenhuizen moeten winst kunnen uitkeren, wil het kabinet. Het zou de kwaliteit van zorg ten goede komen. Economen en bestuurders reageren welwillend, maar medisch specialisten voelen er niets voor.

‘Een ziekenhuis mag geen winst maken. Maar zoals het de ramen door een glazenwasser mag laten wassen, mag het ook de zorg uitbesteden aan bv’s. En die mogen wél winst maken.’ Sweder van Wijnbergen, hoogleraar economie aan de Universiteit van Amsterdam, vindt het debat over het voorstel om ziekenhuizen winst te laten uitkeren een beetje een schijnvertoning. ‘Via de glazenwasserconstructie kan het allang, al maakt die omweg het weinig transparant.’

Deze week sprak de vaste Kamercommissie van VWS in een besloten vergadering over het kabinetsvoorstel om de nog in te voeren Wet cliëntenrechten zorg en enkele andere wetten zo aan te passen dat ziekenhuizen onder voorwaarden winst mogen uitkeren. Daardoor kunnen ze makkelijker risicodragend vermogen aantrekken en zullen kwaliteit, dienstverlening en doelmatigheid van de medisch-specialistische zorg verbeteren. Van Wijnbergen steunt het voorstel: ‘Ziekenhuizen hebben te veel schuld en te weinig kapitaal om goed op de markt te kunnen opereren. Dat valt ze niet te verwijten. Zij hebben immers nooit risicodragend kapitaal gehad en konden dat ook niet aantrekken. Het is goed dat dat nu formeel verandert.’ Ook patiënten worden er beter van, weet hij: ‘Als je privaat geld wilt verdienen, moet je je klanten goed behandelen. Anders lopen ze weg.’

Hete adem

Ook Hugo Keuzenkamp, econoom en bestuurder van het Westfriesgasthuis in Hoorn, is voor winstuitkering. ‘Als je er eigen geld instopt, krijg je dat met meerwaarde terug. Dat betekent dat je het ziekenhuis zo doelmatig mogelijk moet laten draaien. Dat wil ik als ziekenhuisdirecteur natuurlijk ook, maar met de hete adem van de aandeelhouders in de nek is efficiënt werken wel urgenter.’ Hij verwacht niet dat álle ziekenhuizen belangstelling zullen hebben: ‘Dat zullen vooral ziekenhuizen zijn die slecht gaan en van de nood een deugd maken, zoals ook in Duitsland is gebeurd. Of die juist een ambitie hebben die niet anderszins valt te realiseren, die bijvoorbeeld graag een topcentrum willen worden in de cardiologie. Daarvoor zijn investeringen nodig die niet uit eigen middelen zijn te financieren.’

‘Als je financieel sterk bent en een solide businesscase hebt, heb je geen durfkapitaal nodig’, zegt bedrijfseconoom Peter Hoppener, bestuursvoorzitter van de Sint Maartenskliniek in Nijmegen. Zelf hoopt hij nooit hulp nodig te hebben van private investeerders: ‘Dat je hen in huis haalt om efficiënter te werken, is een geromantiseerd beeld. Ik heb ze daar echt niet voor nodig. Ze vragen ook hoge marges, tot 20 procent. Een lening van de bank is veel goedkoper.’ Als de bank geen geld wil lenen, moet je oppassen, waarschuwt hij: ‘Als een plan al te wankel is voor financiering door een bank, wordt het helemaal wankel met private equity.’ Dat banken eerder zullen cofinancieren als private investeerders ook meedoen – zoals het kabinet stelt – gelooft hij niet: ‘Als er meerdere investeerders zijn, zullen die keihard onderhandelen over de vraag wie de preferente financier is als de zaak misloopt.’

Schoorsteen

De Orde van Medisch Specialisten (OMS) ziet invoering van winstuitkering als een ‘politiek gegeven’. Directeur Bart Heessen: ‘Om de kwaliteit van de zorg niet in gevaar te brengen, moet de professionele autonomie van de medisch specialisten beter worden geborgd en moet de medische staf betrokken zijn bij het maken van afspraken met investeerders.’ Ook de kwaliteit van de opleiding – ‘in de ogen van investeerder misschien een bron van productie- en kwaliteitsverlies’ – moet overeind blijven.

Uit een enquête van Medisch Contact blijkt dat driekwart van de medisch specialisten tegen het voorstel is, de meesten uit angst voor kwaliteitsverlies (zie kader). Keuzenkamp herkent dat: ‘Een focus op “De schoorsteen moet roken” zal niet alle medisch specialisten tot de verbeelding spreken.’ Welk bezwaar in ieder geval niet klopt, zegt hij, is dat premiegeld zou verdwijnen in de zakken van private investeerders: ‘De gezondheidsmarkt is een groeimarkt. Investeerders zullen hun winst niet als dividend uitgekeerd willen krijgen, maar herinvesteren in het ziekenhuis. Zo worden hun aandelen alleen maar méér waard.’ Ook gelooft hij niet dat ziekenhuizen alleen profijtelijke behandelingen willen gaan doen. ‘In de Duitse Röhn-Klinikum (een particuliere keten van zo’n vijftig ziekenhuizen, JV) is het adagium: “Massa is kassa”. Men levert gewoon verzekerde zorg, maar dan beter dan de anderen. Door massa te genereren kunnen deze ziekenhuizen doelmatiger werken. Dat levert geld op.’



Medisch specialisten: nee tegen private investeerders

Medisch Contact stuurde een enquête naar 600 medisch specialisten uit het KNMG-panel. Van hen reageerden er 319, een respons van 53 procent.

Bijna driekwart (73%) van de medisch specialisten is tegen de mogelijkheid om winst uit te keren aan private investeerders, 27 procent is vóór.

De tegenstanders zijn bang dat het ziekenhuis vooral rendabele behandelingen zal gaan aanbieden (93 versus 67% van de voorstanders) en patiënten zal werven die winst opleveren (97 vs. 55%). De voorstanders, daarentegen, denken dat de zorg in het ziekenhuis er doelmatiger van wordt (80% vs. 30% van de tegenstanders) en dat het ziekenhuis beter zal laten zien waar het goed in is (84 vs. 39%; ook zijn zij ervan overtuigd dat het makkelijker zal worden om leningen af te sluiten (77 vs. 46%) (zie figuur).

Aandeelhouders, zo mag je verwachten, zien graag een organisatie die naar binnen en naar buiten als een eenheid kan optreden. Van de voorstanders van winstuitkering vermoedt echter slechts een klein deel (19%) dat artsen – als mogelijke consequentie daarvan – in loondienst zullen komen te werken. Misschien is dat whishful thinking: als winstuitkering zou betekenen dat alle medisch specialisten in loondienst moeten, zegt twee derde (69%) van de voorstanders – voor zover zij nu vrijgevestigd zijn – alsnog ‘nee’ tegen de plannen; slechts een derde (31%) vindt het een consequentie die zij zouden accepteren.

Gevraagd wie in het ziekenhuis mag investeren, denken vrijwel alle voorstanders (94%) aan specialistenmaatschappen; ruim driekwart (77%) ziet (ook) kansen weggelegd voor maatschappelijke organisaties als zorgverzekeraars en pensioenfondsen, 56 procent ook aan commerciële bedrijven als vastgoedmaatschappijen. Ruim een vijfde (22%) ziet er geen been in om durfinvesteerders als private equity-fondsen en hedgefondsen toegang te geven tot het ziekenhuis. Een kwart van de voorstanders wil dat de winst in het ziekenhuis wordt geherinvesteerd; 61 procent wil het helemaal vrijlaten, de rest noemt andere oplossingen.


Enkele geluiden vóór …

‘Het zou best kunnen gebeuren dat zorg die nu onrendabel is, alsnog rendabel kan worden gemaakt. De toegankelijkheid van het ziekenhuis voor patiënten hoeft dus niet per se achteruit te gaan.’

‘Cruciaal is hoeveel de aandeelhouders/investeerders over de te volgen lijn te vertellen hebben en of artsen hun professionele autonomie kunnen behouden.’

… en tegen winstuitkering

‘Aandeelhouders willen vooral rendement, de kwaliteit van de zorg is daaraan ondergeschikt. Zie de ervaringen hier en in het buitenland met het privatiseren van andere nutsbedrijven.’

‘Een slecht idee om de commercie zich te laten ontfermen over de mens in nood; vrijwel niermand wordt vrijwillig ziek. Het is een teken van beschaving dat de gemeenschap daar een onafhankelijke opvangorganisatie voor heeft.’

‘Door commerciële belangen een groter gewicht te geven, is de kans groot dat er nog meer overdiagnostiek en overbehandeling wordt aangeboden en geconsumeerd.’



Drie jaar

Het kabinet erkent dat het ‘ongeclausuleerd toestaan’ van winstuitkering risico’s met zich mee kan brengen. Daarom mag winst volgens de plannen pas worden uitgekeerd als het ziekenhuis voldoet aan minimumkwaliteitseisen en de financiële reserves groot genoeg zijn; en ook dan pas drie jaar na het moment van investeren. Ook Van Wijnbergen pleit voor goede kwaliteitsindicatoren en een ‘stevige’ controle op kwaliteit door de inspectie. Op het voorstel drie jaar te wachten tot de eerste winst wordt uitgekeerd, reageert hij laconiek: ‘Men is bang dat snelle jongens met grote zonnebrillen en dikke Mercedessen even een ziekenhuis komen leegplukken, en strooit hun op deze manier wat zand in de wielen. Maar die snelle jongens investeren helemaal niet in ziekenhuizen, die gaan het vastgoed in.’

Strategische investeerders

Wie zullen dan wel investeren (zie kader hieronder)? Het kabinet denkt aan ‘strategische investeerders’ als banken, institutionele beleggers of investeerders die zich toeleggen op de zorg. Bijna alle geënquêteerde medisch specialisten denken dat ook maatschappen moeten investeren. ‘Dan zul je wel geld moeten meenemen’, reageert Keuzenkamp. ‘Een goedlopend ziekenhuis overnemen kost al snel 50 of 100 miljoen.’ Hij vindt het vooral belangrijk dat specialisten zich sterker dan nu richten op het belang van het ziekenhuis. ‘Dat kan door loondienst, maar ook in de vorm van partnership zoals dat in de advocatuur gebruikelijk is.’



Pioniers

Winstuitkeringen door ziekenhuizen mogen dan nog niet mogelijk zijn, private investeerders in ziekenhuizen bestaan al wel. In 2006 nam Meromi Holding van vastgoedinvesteerder Jan Schram en zorgonderneemster Aysel Erbudak het kwakkelende Amsterdamse Slotervaartziekenhuis over. In 2009 kocht MC Groep van radioloog en zorgondernemer Loek Winter de op een haar na failliete IJsselmeerziekenhuizen in Lelystad en Emmeloord.

Het Slotervaartziekenhuis is een bv is en heeft een eigenaar, benadrukt Erbudak: ‘Feitelijk hadden we dus al het recht om dividend te kunnen uitkeren, net als andere vennootschappen. Maar we hebben dat recht tot nu toe niet verzilverd om in lijn te blijven met de andere ziekenhuizen.’ Pas als het voorstel werkelijkheid is geworden, voegt zij daaraan toe, ‘zullen we besluiten of we de winst net als nu toevoegen aan het eigen vermogen of overgaan tot dividenduitkering.’ In dat laatste geval geldt de wachttijd van drie jaar niet, stelt zij vast: ‘Wij zitten er al zes jaar.’



De raden van bestuur staan vooralsnog niet te trappelen, zo bleek vorig jaar uit een rapport van Berenschot: niet alleen het verbod op winstuitkering houdt hen tegen, ook zien ziekenhuisbestuurders op tegen de hoge kosten en de bemoeienis van externe financiers. Hun bedenkingen zijn sindsdien niet minder geworden, zegt managing consultant Eveline Castelijns: ‘Ik hoor geen geluiden dat winstuitkering mooi zou zijn, of dat er al gesprekken zouden zijn met investeerders. Wel is er intern veel discussie over de vraag of maatschappen aandeelhouder van het eigen ziekenhuis kunnen worden.’

Ook investeerders staan nog niet in de startblokken. Het Pensioenfonds Zorg en Welzijn, toch de eerst aangewezene, zegt desgevraagd geen plannen te hebben. Terecht, vindt Hoppener: ‘Als premiebetaler verwacht ik dat mijn pensioenfonds verstandig belegt en geen wild, risicovol plan steunt alleen maar omdat het uit de zorg komt.’

Joost Visser

Bekijk ook:


beeld: Corbis
beeld: Corbis
beeld: Corbis
beeld: Corbis
beeld: Corbis
beeld: Corbis
<strong>Klik hier voor een PDF van dit artikel</strong>
marktwerking
Dit artikel delen
Op dit artikel reageren inloggen

Reacties

  • , , 04-05-2012 00:00

    "Het kabinet pleit ervoor dat ziekenhuizen winst kunnen uitkeren. Dat zou de kwaliteit bevorderen. Maar privaat kapitaal wordt altijd ter hand gesteld aan de ziekenhuisdirectie, terwijl degenen die de doelmatigheid moeten bevorderen op de werkvloer van de behandelkamer staan, en zij ondervinden van een verbetering van deze doelmatigheid geen directe financiële beloning. En alleen deze professionals kunnen spaarzamer worden met arbeid en materiaal zonder dat dat de zorgkwaliteit in gevaar brengt. Bij durfkapitaal in handen van de directeur moeten deze werkers tot doelmatigheid gebracht worden door de commandostructuur van de organisatie.
    Bij elk specialisme zijn er weer aparte bedrijfs- en geneeskundige afwegingen nodig, om per maatschap de doelmatigheid en de ‘winstgevendheid’ op peil te brengen.
    Er heerst momenteel in ons land één allerbelangrijkst gebod voor onze collectieve sector en onze staatsschuld: zuiniger, zuiniger. Wie kan beter de verantwoordelijkheid dragen bij dit schipperen tussen zuinigheid en veiligheid dan de professional in zijn maatschap?

    Dr. P.H. Vooren, longarts niet-praktiserend, Noordwijkerhout
    "

  • Carsten Lincke, kinderarts (opleider), Dordrecht 29-03-2012 00:00

    "Marktwerking in de zorg met focus op bedrijfsresultaat - en dat zal wel moeten met durfkapitaal - maakt meer kapot dan je lief is; zie het rapport van de commissie Lemstra over het Klebsiella probleem in het Maasstad Ziekenhuis en prof Johan Lange in NRC 23-3-2012: "Een arts is niet op aarde om winst te maken". "

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.