Alles voor jou als geneeskundestudent

Inloggen
Nieuws
Juliette Mattijsen Lidwien Smabers
4 minuten leestijd

Effen de paden, op naar de top

1 reactie
Dit artikel verscheen al eerder in augustus 2020. Omdat het vandaag Internationale Vrouwendag is, brengen we dit artikel nogmaals onder de aandacht.

Bij de instroom van de geneeskundestudie zijn vrouwen oververtegenwoordigd, maar om vervolgens carrière te maken moeten vrouwen nog steeds het glazen plafond doorbreken.

Een raadsel: een man en zijn zoon krijgen een ernstig auto-ongeluk. De vader overlijdt ter plekke. De zoon wordt naar het ziekenhuis gebracht, rechtstreeks de operatiekamer in. De chirurg kijkt naar de jongen en zegt: ‘Ik kan deze jongen niet opereren, hij is mijn zoon!’ Rara, hoe kan dit? Zo’n 85 procent van de mensen heeft moeite met de oplossing. Antwoorden die mensen geven: ‘Het is een geadopteerde jongen’, ‘Het is de zoon van een homostel’ of ‘De moeder is vreemdgegaan’. Slechts een klein groepje komt op de simpele oplossing dat de chirurg de moeder van de jongen is.

Meer vrouwen

‘Dank u wel, zuster!’ riep een oud besje laatst naar me toen ze de spreekkamer verliet. Blijkbaar had mijn introductie als ‘dokter in opleiding’ niet veel indruk gemaakt. Wij, de jongere generatie, zijn eraan gewend dat er zowel vrouwelijke als mannelijke dokters zijn. Dit hebben we te danken aan Aletta Jacobs, die in 1877 als eerste vrouw het arts­examen aflegde. En als er één schaap over de dam is, dan volgen er meer. Inmiddels is de man-vrouwverhouding in de geneeskunde­opleiding veranderd; vanaf 1980 raakten de vrouwen in de meerderheid. Inmiddels is 70 procent van de geneeskundestudenten vrouw. Toen de toelating tot de geneeskundestudie nog via gewogen loting verliep, zijn vrouwen door hun vroegere ontwikkeling wellicht positief gediscrimineerd.

Is er dan nu sprake van een diversiteits­probleem? Niet per se, uiteindelijk draait het er natuurlijk om dat artsen goed zijn opgeleid. En natuurlijk moeten we representatief genoeg zijn voor de patiëntenpopulatie waar we ons over gaan ontfermen. Uit eigen ervaring kan ik stellen dat het mannelijk perspectief een welkome toevoeging is in discussies over gezondheid. Onderzoek laat ook zien dat een evenredige man-vrouwverhouding op de werkvloer resulteert in een hogere productiviteit, meer innovativiteit en betere beslissingen.

Alle reden dus om een meer gelijkwaardige man-vrouwverhouding onder artsen na te streven. Bij huisartsen is de inhaalslag inmiddels gerealiseerd, maar in de umc’s zijn de meeste medisch specialisten nog altijd man en bij de hoge managementsfuncties is de verdeling zelfs nog schever.

Sociale inclusie

Uit onderzoek van De Geneeskundestudent komt een onverwachte bevinding naar voren: mannen ervaren in de opleiding meer inclusie dan vrouwen. Dat een minderheidsgroep zich meer geïncludeerd voelt, is erg ongebruikelijk. Dat er meer mannelijke docenten en rolmodellen zijn – wat niet in overeenstemming is met sekseverhouding van de studentenpopulatie – kan er echter aan bijdragen dat vrouwelijke studenten minder affiniteit met de opleiding voelen. Uit rondvraag bij onze studentenpanels bleek dat er nog een overwegend masculiene cultuur bestaat in de geneeskunde, wat een andere mogelijke verklaring zou kunnen zijn voor het verschil. Daarnaast komt het zogeheten oplichterssyndroom (de overtuiging dat je je eigen succes niet verdient) vaker voor onder vrouwen, waardoor zij vragen over inclusie vaker kritischer beantwoorden dan mannen. Ten slotte is het van belang met welke rol­modellen studenten zich identificeren. Als dit met name medisch specialisten zijn, is het belangrijk dat de samenstelling van medisch specialisten en studenten beter op elkaar afgestemd zijn.

Mannen hebben vaak meer zelfvertrouwen en een positiever zelfbeeld

Belemmeringen

Hoe hoger de functie, hoe minder vrouwen. Terwijl in Nederland al meer dan dertig jaar meer vrouwelijke dan mannelijke artsen afstuderen, is in de raden van bestuur van zieken­huizen slechts 20 procent vrouw; onder hoogleraren is dit 25 procent.

Wereldwijd is 70 procent van de gezondheidsprofessionals vrouw. Maar in de wetenschap en in bepaalde specialismen, zoals de chirurgie, zijn vrouwen ondervertegenwoordigd. In de coronacrisis stonden vrouwen in de frontlinie van de zorg, terwijl mannen de beslissingen namen. Een gebalanceerde en diverse top, die representatief is voor de sector, kan beter voor zijn achter­ban opkomen. Dat vrouwen minder geregeld hogerop komen heeft niet met hun capaciteiten te maken, maar met structurele belemmeringen als organisatiecultuur en de moeite om werk en gezin te combineren. Als een vrouw een fantastische baan aangeboden krijgt, is de kans groot dat zij antwoordt met: ‘Het komt nu niet helemaal goed uit vanwege de kinderen.’ Mannen zullen vaker zeggen: ‘Ja, dat ga ik doen.’

Onderzoek onder basisartsen die een carrière in de chirurgie ambiëren liet zien dat het voor vrouwen lastiger is om uitdagingen als lange werkdagen en onregelmatige tijden aan te gaan. Vrouwen spenderen per week gemiddeld 8,5 uur meer aan huishouden en kinderen dan mannen. De vruchtbaarheidspiek valt ongelukkig genoeg samen met de periode waarin artsen in opleiding zijn. Tel hier de fysieke consequenties van zwangerschap bij op, en vrouwen staan 1-0 achter bij instellingen die niet happig zijn op het toestaan van verlof.

Ballonnen blazen

De verschillen tussen mannen en vrouwen zijn in onderzoeken geobjectiveerd. In een experiment waarin vrouwen en mannen werd gevraagd ballonnen op te blazen, lieten mannen de ballonnen significant vaker exploderen dan vrouwen. Ook uitgebreider onderzoek toont aan: mannen nemen grotere risico’s.

Bij vrouwen is er een groter verschil tussen hun levensloop en hun persoonlijke inschatting hiervan. Mannen hebben vaak meer zelfvertrouwen en een positiever zelfbeeld. Het vertrouwen in je eigen mogelijkheden is van invloed op je carrièrekeuze. Als een vrouw zich niet bekwaam acht voor een hoge functie, zal zij hier minder snel naar solliciteren dan een man met dezelfde kwaliteiten. Daarnaast spelen verschillen als competitieaversie en ambitie een rol, maar deze worden deels cultureel bepaald.

Woman’s work

De weg naar meer vrouwen aan de top begint bij bewustzijn onder vrouwen zelf en aandacht voor gelijke kansen, inclusie en diversiteit binnen de opleiding.

Vaderschapsverlof zou een uitkomst kunnen bieden voor het combineren van werk en gezin. Interventies waarbij vrouwen voorrang krijgen, kunnen juist stereotypes versterken en een tegengesteld effect hebben. Het systematisch aanpakken van het grote aantal diensturen zou een betere uitkomst bieden. De laatste jaren neemt het aantal vrouwen in hoge functies toe, maar er is nog flink wat werk aan de winkel om gelijke kansen te creëren. ‘A (wo)man’s work is never done.’ 

Bronnen

1.https://diversiteitinbedrijf.nl/wp-content/uploads/2015/05/Dib-Kennisdocument-Arbeid-en-zorg-in-balans-220117.pdf

2. https://degeneeskundestudent.nl/wp-content/uploads/2020/05/onderzoeksrapport-diversiteit-en-inclusie-2018.pdf

3. https://www.thelancet.com/journals/lancet/article/PIIS0140-6736(19)30246-6/fulltext 

4. http://arno.uvt.nl/show.cgi?fid=133528

5. https://www.cpb.nl/sites/default/files/omnidownload/cpb-notitie-vrouwen-aan-de-top.pdf 

6. https://www.radboudcentrumvoormindfulness.nl/blog-anne-speckens/vrouwen-in-de-geneeskunde-11-02-2019/

7. https://www.vnva.nl/media/feiten-en-cijfers/amc-en-umcu-meeste-vrouwelijke-specialisten/

8. https://www.vnva.nl/media/feiten-en-cijfers/meer-vrouwen-in-leiding-ziekenhuizen/

Op dit artikel reageren inloggen
Reacties
  • Chris

    Student, Nijmegen

    08-09-2020 17:03

    Wat ik zie is dat topfuncties vaak ook gepaard gaan met veel meer werkuren. Als student kan ik daar misschien een verkeerd beeld van hebben, maar dat moet je ook maar willen. Iedereen gaat er altijd maar vanuit dat men zo hoog mogelijk wil opklimmen ...op de werkladder, klopt dat eigenlijk nog wel voor deze generatie? Als we het daar als studenten onderling over hebben, zijn er studenten die nu al aangeven later liever parttime te willen werken. Nu wil ik het glazen plafond niet bagatelliseren en ben ik helemaal voor gelijke kansen, toch denk ik dat we niet voorbij moeten gaan aan de druk die we soms indirect opleggen, om overal maar steeds het maximale uit te moeten halen.

    Wat ik zie is dat topfuncties vaak ook gepaard gaan met veel meer werkuren. Als student kan ik daar misschien een verkeerd beeld van hebben, maar dat moet je ook maar willen. Iedereen gaat er altijd maar vanuit dat men zo hoog mogelijk wil opklimmen op de werkladder, klopt dat eigenlijk nog wel voor deze generatie? Als we het daar als studenten onderling over hebben, zijn er studenten die nu al aangeven later liever parttime te willen werken. Nu wil ik het glazen plafond niet bagatelliseren en ben ik helemaal voor gelijke kansen, toch denk ik dat we niet voorbij moeten gaan aan de druk die we soms indirect opleggen, om overal maar steeds het maximale uit te moeten halen.

 

Cookies op Medisch Contact

Medisch Contact vraagt u om cookies te accepteren voor optimale werking van de site, kwaliteitsverbetering door geanonimiseerde analyse van het gebruik van de site en het tonen van relevante advertenties, video’s en andere multimediale inhoud. Meer informatie vindt u in onze privacy- en cookieverklaring.